“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression Years – 18

Wellicht gaan we een betere deal met Sybase maken, en een verdrietige periode in het verschiet.

Het werken thuis in Düsseldorf, de eerste paar dagen, was een verademing. Tevens gaf het me nog wat tijd om afscheid te nemen van enige ex collega’s van Arcade, met name Olli Sondermann, de financiële man met wie ik het fatale reorganisatieplan kerst 1997 had opgezet. Prettige lunch, waarbij de jeugdige Sondermann me ‘herzlich’ bedankt voor alle wijze lessen. Die schopt het nog ver!

Woensdag 10 juni brengt m’n trouwe (laatste maand) Mercedes me naar Kasteel Moersbergen waar de immer serieuze Frans van Mackelenberg me opwacht met een waslijst aan vragen. Oh wat zou hij er plezier in scheppen om de hele boel op te blazen. Ik bewaar, soms met de grootste moeite, mijn kalmte en kan veelal pareren waar hij mee aan komt zetten. Maar onaangenaam is het, en ik vraag me in alle eerlijkheid af welke chemie er tussen zo’n kerel en Eckart überhaupt kan zijn. Uiterst koel nemen we afscheid van elkaar en ik neem me stellig voor om bij Eckart een boekje over hem open te doen.

Op naar Rotterdam nu, wederom het Havenziekenhuis. Aan de situatie van ma is niet veel veranderd, broos maar toch nog zo scherp als een scheermes. Ze hoopt maar dat de bloembakken aan het balkon goed door de buren onderhouden zijn. We babbelen wat over vroeger, en met name ook over haar schrijftalent. Voor het Charlois’ Kinder Operettekoor Sylva, opgericht in het bevrijdingsjaar 1945, had ze de tekst voor de Oosterse Operette ‘Ali Baba en de 40 Rovers’ geschreven. Ma’s jongere broer Henk heeft me indertijd de verfomfaaide pagina uit het programmablad gegeven. Omdat ik zo bewaarderig ben! En die heb ik meegenomen om haar op te beuren.

Haar ogen lichten op: “dat was de première, ergens in november 1947, in het Colosseum Theater aan de Beijerlandselaan,” weet ze nog.

Ze glimt nu ze er weer aan denkt. “Hoe kom je daaraan,” vraagt ze nieuwsgierig. Ik leg haar uit dat Oom Henk mij een en ander van de familie gegeven heeft, waar dit ook bij zat. “Die Henk, altijd een boekhouder gebleven,” zegt ze met een halve grijns. “Is er een mogelijkheid in het ziekenhuis zaterdag naar Nederland-België te kijken ma,” vraag ik haar in alle ernst. Dat is in haar straatje. “Die eerste wedstrijd tegen de Belgen mag je niet missen hoor,” fluister ik in haar oor terwijl ik ze een afscheidskus geef. “Reken maar van yes, jongen,” wuift ze me na.

M’n auto de Maasboulevard opsturend ben ik opgelucht dat ze nog zo pittig reageert, overigens met de wetenschap dat haar toneelspel net zo goed is als haar Ali Baba werk. Wat had ze er graag in doorgegaan. Maar ja, het leven was na de 2e wereldoorlog niet zo eenvoudig. Aangekomen in Driebergen

ontvangt Eckart me zoals alleen Eckart kan: “kom erin pik, ik heb al een lekker koud biertje voor je klaar staan.” We nemen de zaken door, waarbij hij steeds positief reageert, dan wel met inzichten komt die hout snijden. Plots staat hij op en geeft aan dat het morgen weer vroeg dag is en dat ik dat hele stuk nog naar Düsseldorf moet rijden. “Momentje Eck, ik wil het nog even met je hebben over onze vriend Frans.” “Hoezo?” reageert Eckart nukkig. “Wel, volgens mij heeft die vanaf moment één getracht om het project Ex’pression onderuit te halen en word ik alleen maar geconfronteerd met negatieve signalen.” Eckart ontkent dat in alle toonaarden en vindt dat Frans zijn belangen goed behartigt. Hebben we hier nu een geval van ‘good cop, bad cop’? Klapjes ’s ochtends, biertjes ’s avonds! “Gewoon lekker doorgaan Peet,” voegt Eckart me toe wanneer hij me naar de auto brengt en het portier achter me dicht gooit.

“Food for thought,” mompel ik in mezelf terwijl ik het grindpad afdraai om m’n weg te vinden naar de A12. Ik druk de CD van Lutricia McNeal in de gleuf om al meeblerrend bij ‘Ain’t that just the way’ nog even na te genieten van een van onze grootste single hits in Duitsland: meer dan 400.000 verkochte eenheden. Hè, dat lucht even lekker op! Zo komt Hubbelrath tegen middernacht toch weer snel in zicht en prent ik, wellicht voor een van de laatste keren, het beeld in mijn hersens van het huis waar we een behoorlijk aantal ‘gemütliche’ jaren doorgebracht hebben.

Ik parkeer de auto en ben blij dat Astrid op me gewacht heeft. Vragend kijkt ze me aan, terwijl ze een droge sherry voor me inschenkt. Ik vertel haar over m’n ongenoegen met Frans, het ziekenhuisbezoek aan ma, en het eigenlijk, op het laatst, onbevredigende gesprek bij Eckart. Astrid kent m’n soms wat ongeduldige aard met dit soort zaken en vraagt me om ook wat aandacht te besteden aan de dingen die op til staan, zoals de verhuizing naar België. “Helemaal mee eens,” beaam ik haar stellingname. “One for the road,” zijn we het eens, en klinken op onze nieuwe, nog wat onzekere toekomst en zoeken tegen enen ons mandje op. ‘United we stand’ is ons motto.

Donderdagochtend breng ik door met het opsommen van de mensen die ik vandaag absoluut moet spreken, zoals Hope Spadora van Sybase die een dringende boodschap heeft achtergelaten. Het 9 uur tijdsverschil met Californië breekt me nu op, zeker omdat we nu de bal aan het rollen moeten houden. Hope is een vroege vogel, dus kunnen we vanmiddag rond 4 uur een en ander doorspreken, dat is voor haar 7 uur ’s ochtends. Daarna Dawn Cardi, aangezien met New York maar een tijdsverschil van 6 uur is, evenals bij Gary Platt in Florida. Daarna Craig Deonik over het marketingplan en Gary Breen inzake afronding van de koopovereenkomst. Het wachten tot 16.00 kan ik prettig invullen door met Astrid over verhuiszaken te praten en met name de jongens wat aandacht te geven.

Bo-Peter, Kaj en Ivar in onze grootste tuin ooit

De klok tikt weg naar 4 uur en exact op dat tijdstip rinkelt mijn telefoon. Hope laat er geen gras over groeien: “I’m gonna make you a sweetheart deal,” begint ze. Ze legt uit dat de Sybase boeken afgesloten worden per 30 juni en dat ze voor die tijd het gebouw uit de balans wil hebben. Ik wip op m’n stoel van enthousiasme, want dit gaat korting betekenen. “How about a $200.000 cut if you guys buy the building before June 30,” stelt ze voor. Mmmm.. $200.000 korting wanneer we voor 30 juni het gebouw aankopen. Ik laat een kleine pauze vallen, denkend aan m’n Krauthammer cursus, kuch en deel haar mede dat dit maar een korting van net 2,5% is. Goed dat ze m’n overenthousiaste gezicht niet kan zien! Na veel gesteggel en gesteun komen we uit op een kortingsbedrag van $300.000. “Deal!” roepen we gelijktijdig. Hier kan niemand toch op tegen zijn, zou je denken. Nou, dat is een misrekening begrijp ik, zodra ik ‘fucking’ NY lawyer Dawn Cardi aan de lijn kreeg. “Peter, how could you do this?” schreeuwt ze bijna door de telefoon. “Easy,” probeer ik haar te temperen. Ik leg haar uit dat deze transactie, ondanks dat vastlegging van de gebruiksvergunning er geen onderdeel van uitmaakt, echt een ‘sweetheart deal’ is. Ook al omdat Sybase niet gaat wachten tot we een gebruiksvergunning hebben. Na nog wat gesputter hangt Dawn op. “Oké Astrid, hoeveel zet je erop dat ze nu onmiddellijk Eckart belt,” vraag ik. Astrid haalt haar schouders op en zegt dat we morgen afspraken hebben in Lommel met de bank, met de eigenaren van het huis dat we op het oog hebben, en de verhuizer. “En laten we als het even kan het huis gelijk afronden,” voegt ze eraan toe. “Yes darling,” antwoord ik schaapachtig, waarna ik het nummer van Gary Platt intoets.

“Plattski reporting,” schalt het door de telefoon, waarbij Gary z’n omroepersstem opzet. Ik informeer hem over het Sybase gesprek, waar Gary enthousiast op reageert: “Yes baby, yes!”. Over Dawn Cardi is hij wat minder enthousiast en zeer uitgesproken: “What a bitch!”. Ik krijg te horen dat het schrijven van het curriculum gestaag vordert en dat de geplande ‘milestones’ daadwerkelijk gerealiseerd zullen worden. Tevens meldt hij losjes Craig Deonik onder uit de zak te hebben gegeven omdat volgens hem ‘Rolling Thunder’ meer weg heeft van ‘slaap kindje slaap’. “Next on my list, Gary,” antwoord ik hem, waarna ik Craig Deonik optoeter. Die zegt niets over zijn aanvaring met Gary, maar presenteert inderdaad een wat agressiever plaatje. Met een “keep up the good work,” laat ik hem gaan voor de laatste call van de dag met makelaar Gary Breen. Duidelijk moge zijn dat hij met stip de gelukkigste mens van de dag is. Voor 30 juni afsluiten betekent voor deze Gary ‘money in the pocket’. “Als je wint, heb je vrienden,” zing ik, waarna ik een vragend kijkende Astrid meeneem naar Restaurant Bürgerhaus en haar onder het verorberen van een mega schnitzel en een pul Bit bier bijspijker. Een uiteindelijk positieve dag komt ten einde. “Vrijdag Lommel dus, en zaterdag Rotterdam om met Hans, Aad , Rob en aanhang over de verdeling van de taken te praten met het naderende einde van ma in het zicht,” vat ik de komende twee dagen samen. Astrid knikt instemmend, ze is daadwerkelijk de stille kracht achter mij.

En wat ook leuk is, ze kan nog steeds over mijn flauwe grappen proesten van het lachen! “Lopen een olifant en een muis over een houten brug, zegt die muis…..”

Volgende week: Ma’s einde nadert tijdens het WK voetbal 1998. Torpedeert Dawn Cardi het contract met Sybase?

2 Responses to ““Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression Years – 18”

  1. Hilbert Says:

    Ah wat leuk! 2 bekende namen. Olli Sondermann was een prachtvent en Lutricia Mc Neall met die wereldhit!
    Heerlijk om te lezen

  2. Peter Laanen Says:

    Leuk toch?! Dank voor het compliment.

Leave a Reply