“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression Years – 40

Viering van de openingsdag met studenten loopt enigszins uit de hand. CIC wordt onder curatele gezet. De student die drie dagen aan een stuk reed vanaf Detroit.

Dag één, met de eerste 46 studenten, verloopt als verwacht mag worden: hier en daar ontbreekt een document of een handtekening ter onderbouwing van de financiering. Zo goed als mogelijk onder de omstandigheden verhelpen we het of schuiven het door naar later. Het is feest, zo voelt het, en we besluiten ter viering van dit eerste hoogtepunt om alle studenten mee te nemen naar Kimball’s East, de populaire jazz tent in Emeryville. Aanbeveling van John Gooding, grote man op de achtergrond in Emeryville. Trots toonde hij me een toegangsbewijs uit 1991 van een optreden van de vermaarde Dr. John dat hij bijwoonde.

Uiteraard gaat er een luid gejuich op na deze mededeling, waarbij we de studenten verzoeken om een identificatie bewijs mee te nemen om aan te tonen dat ze minstens 21 zijn. Anders geen bier of wijn, iets anders schenken we budget technisch niet. Het wordt inderdaad een feest, en het loopt enigszins uit de hand omdat wij in onze euforie meedoen. Studenten onder de 21 hebben hun oudere studiemakkers overgehaald om drankjes voor hen te bestellen. Levensgevaarlijk voor ons als school. Je zou op de eerste dag je licentie kunnen verliezen wanneer zo’n ‘under age’ jochie dronken in Emeryville wordt aangetroffen. Rond een uur of tien besluiten we er dan ook een eind aan te maken, hetgeen nogal wat verontwaardigd gesis en gefluit teweeg brengt. In de tussentijd hebben we een aantal potentiële ‘trouble makers’ gedetecteerd die we op het matje gaan roepen. Misschien toch niet zo’n goed idee, dit partijtje, of zoals het bekende Amerikaanse gezegde luidt: ‘no good deed goes unpunished’. Dinsdag 12 januari komt sneller dan gedacht! Met name ons onderhoud met aannemer CIC vereist een helder hoofd. Na een intensieve twee uur met Debbie Fleser en Ed Brady onderhandeld te hebben, besluiten we $1 miljoen achter de hand te houden voor eventuele controversiële discussiepunten. Tevens zal ik me bij elke bouwvergadering laten assisteren door een deskundige op het gebied van architectuur en studio’s, zodat we de kosten in de hand kunnen houden. Tevens, als snoepje van de week, voeg ik bij mijn rapportage dezelfde dag een afschrift van het artikel dat we in Amerika’s vooraanstaande muziekblad Billboard hebben.

We mogen ons echt wel op de borst slaan door dit nu reeds bereikt te hebben, terwijl het echte werk nog moet beginnen: het plaatsen van afgestudeerde studenten in banen, want daar staan we ons op voor ten opzichte van andere opleidingsinstituten. Wel besluiten we in een ingelaste management team bijeenkomst om de reglementen aan te scherpen, en hier en daar een gele kaart uit te reiken aan studenten die menen dat Emeryville het equivalent van party town is. Vroeg in de avond maak ik kennis met de man die me gaat assisteren bij de bouwvergaderingen: Dennis Stearns, een studiobouwer uit Novato, bevalt me gelijk. Zo’n man van de gestampte pot en regelrecht uit het lied van James Taylor ‘I’ve seen fire and I’ve seen rain’. Hij heeft alles wel een keer meegemaakt en is met zijn achter het oor geschoven potlood sneller dan het CAD/CAM programma van John Storyk. “Peter, let’s have a drink to celebrate our collaboration, making sure we control both CIC and Storyk,” besluit hij onze bijeenkomst. Vreemd, hij noemt Storyk in één adem met CIC, dat kan geen toeval zijn. Nadat alle stof van de woensdag neergedwarreld is, lopen Rob Gibson, Gary en ik rond elf uur naar de parkeerplaats om ons weegs te gaan. Plotseling valt ons oog op een geparkeerde pick up truck waarin wat beweegt. Argwanend naderen we het voertuig, waar achter de ruit plotsklaps het slaperige hoofd van een jonge man verschijnt die zich beleefd voorstelt: “Brian Johnson, gentlemen, I drove three days ago from Detroit to be here on time for my class tomorrow.” De verbazing moet van onze gezichten af te lezen zijn omdat hij niet in ons systeem voorkomt. Maar wat een doorzetter! “I will enroll tomorrow, gentlemen, and if you will excuse me, I’ll have a bit more sleep.” Lacherig nemen we afscheid, wat een perfect einde van de dag. Donderdagmorgen begint weer lekker met een geinig artikel in ‘Mixdown’, waarin Storyk een en ander uitlegt en Gary en ik poseren alsof dat onze dagelijkse bezigheid is.

Het doet me ongelooflijk veel goed om Brian Johnson van een toilet te zien komen, waar hij zich opgeknapt heeft, om hem vervolgens te zien verdwijnen in het klaslokaal waar het initiële Digital Visual Media programma gegeven wordt. Daar krijg je nog eens een golfje motivatie van. Waar ik geen motivatie van krijg is de stroom aan documenten die José Quan, hoofd administratie, me voorlegt. Slordig en onduidelijk. Nadat ik als het ware het rode potlood heb gebruikt, verontschuldigd hij zich nederig en belooft beterschap. Hebben we hem niet voldoende gescreend? Toch maar weer eens naar z’n aanbevelingsbrieven kijken. Vrijdag is het zover en kan ik de sleutels ophalen van onze woning in Walnut Creek. Even huishoudelijk nu, en vooral nauwkeurig, want anders krijg ik klapjes van Astrid! Opmeten van de raampartijen en de keuken. Om er zeker van te zijn dat er bij het toekomstige ophangen van gordijnen geen te korte of te lange zijn, meet ik het drie keer op. Inderdaad, dit is niet mijn sterkste kant! Vervolgens ervoor zorgen dat ik een social security nummer krijg, want zonder besta je niet. Daarna mijn rijbewijs aanvragen en zoveel school informatie verzamelen als mogelijk. Maandag de 18e wordt (deels) Martin Luther King Jr. Day gevierd, maar zal ook Bram Zwagemaker ons verblijden met een bezoek, waarbij hopelijk onze aandelen geregeld gaan worden, inmiddels gewijzigd in stock options, en de deal met Arne Frager en The Plant afgewikkeld. Frans van Mackelenberg lijkt meer en meer naar de achtergrond te worden gedrongen. Het diner bij, waar anders, The Townhouse met Arne en Bram loopt zeer voorspoedig, de twee hebben een ‘click’, met name ook omdat joviale Bram vriendelijkheid en vertrouwen uitstraalt. Dat dit verkeerd geïnterpreteerd kan worden is menigeen al overkomen, maar nog niet in Californië. De tijd zal het leren. Er wordt een vervolgafspraak gearrangeerd voor woensdag om het karwei af te maken. In alle haast besluiten Gary en ik om een ‘gala’ foto te schieten met de eerste aangenomen stafleden en adviseurs, waarbij ‘natuurlijk’ niet iedereen bij aanwezig kon zijn:

Het plezier straalt er af, zeker weten! Het gesprek met Bram Zwagemaker over onze stock options loopt niet echt gesmeerd omdat Gary stug vasthoudt aan een afspraak met Eckart over aandelen, niet opties. Bram gooit er allerlei technische belastingtermen tegenaan die Gary als ‘baloney’ bestempelt, onzin dus. Omdat Arne Frager aangekondigd is, kap ik de conversatie af met de mededeling om het laatste woord daarover met Eckart te hebben die aanstaande zondag binnenvliegt, na zijn trip naar Silent Planet in Florida. Mokkend stemt Bram in, waarschijnlijk omdat zijn brei aan informatie niet de juiste overtuigingskracht had. Het gesprek met Arne daarentegen loopt als een trein, met als resultaat dat we menen een en ander binnen vier weken afgerond te kunnen hebben. Donderdag de 21e vertrekken Bram en ik naar Orlando om daar het technische deel van de overeenkomst met Silent Planet af te ronden, waarna Eckart vrijdag en zaterdag voor wat betreft de afronding er een ‘klap’ op kan geven. Tijdens ons diner met Loyd en John-Erik bij ‘The Colony’ blijkt dat er daadwerkelijk geen hobbels meer genomen dienen te worden. Ex’tent zal na het nemen van de juridische ‘mumbo jumbo’ voor 40% eigenaar van Silent Planet zijn, en we hebben er dan weer een familielid bij. Alles gaat van een leien dakje, Eckart geniet van de bijeenkomsten met de Silent Planet boys en hun frisse geesten. Tijdens het ontbijt hoort hij me uit, ook over de stugheid voor wat betreft de houding van Gary ten aanzien van de opties. “Eckart,” breek ik hem af, “ik ben er niet bij geweest, en Gary is er 100% van overtuigd dat jij hem aandelen hebt toegezegd.” Eckart haalt geïrriteerd z’n schouders op: “Bram moet dit maar regelen, ik ben er niet voor de details,” besluit hij de discussie. Eén ding is zeker, ik moet niet als een buffer tussen Eckart en Gary terecht komen. De zondag is wederom een eindeloze reispartij van Orlando naar San Francisco, en hoewel het tijdsverschil van drie uur niet veel lijkt, gaat het je op die korte trippen toch opbreken. De week vliegt voorbij en wordt besloten met een mooi artikel in de Oakland Tribune:

In mijn wekelijkse rapportage, zondag 31 januari, kan ik gewag maken van de voortgang met Silent Planet en The Plant, alsmede de verbazing bij de pers dat onze studenten al na ruim twee weken een film aan het schieten zijn. ‘Ongelukkigerwijs’ zit in elk plot wel een oudere man, dus raad maar wie daar als figurant voor gevraagd wordt?! Juichend, ook qua toon, dat we al 29 studenten voor maart ingeschreven hebben en 5 voor mei. Maar het belangrijkste is Eckarts uitspraak dat we de school moeten bouwen als gevisioneerd, om het zo ‘the greatest school in the world’ te maken. En dat voor een gehoor van studenten en staf. Ik kan m’n geluk niet op. De e-mail is na ‘send’ onderweg en ik stap in mijn Chrysler 300M die ik gisteren bij de dealer heb opgehaald. De rit gaat naar Walnut Creek waar ik Superbowl XXIII tussen de Denver Broncos en de Atlanta Falcons ga bijwonen bij de Platt familie. Veel op met American Football heb ik niet, maar de Superbowl is een spektakel van de eerste orde. De halftime show heeft sterren als Stevie Wonder en Gloria Estefan op het programma. Smullen! Ik zie niet uit naar het vuur dat Gary me ongetwijfeld aan de schenen gaat leggen betreffende zijn toegezegde aandelen. Eckart heeft hem in niet mis te verstane bewoordingen duidelijk gemaakt dat Bram dit afmaakt. Gary is des duivels. We zullen wel zien waar het schip strandt.

Volgende week: BBQ, vuur en Gary. De grote verhuizing van België naar Californië gaat plaatsvinden. De breuk met aannemer CIC wordt overwogen. Weer een inbraak, maar met onverwachte verdachte.