“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression Years – 57

Het nieuws van Liz Altieri. De presentatie bij de Emeryville Chamber of Commerce en de tweedaagse boardmeeting bij Silent Planet.

“Doreen, please call Liz Altieri immediately back,” roep ik langs een verbouwereerde Gary. Ik leg hem in het kort de situatie uit betreffende Summit Bank. Gary schuifelt terug naar z’n kantoor en roept grijnzend “that’s your cup of tea buddy.” Hij heeft gelijk, dat is mijn pakkie-an. Liz is in gesprek dus ik concentreer me even op de mogelijkheid om in plaats van ‘dot com’ ‘dot edu’ achter onze naam te krijgen. ‘Dot com’ is op dit moment enigszins besmet en uiteindelijk zijn we educatief. Gaat natuurlijk weer geld kosten. Over geld gesproken, juist op dat moment kondigt Doreen Liz Altieri aan. Liz en de Summit Bank hebben we gekozen boven megabanken als bijvoorbeeld Wells Fargo, wegens hun lokale betrokkenheid.

Liz, trots op haar Europese klant, heeft ons dan ook uitermate goed bediend, zij het dat de kredietlijn nog niet geregeld is. Dát hebben we nodig op dit soort momenten, wanneer ons eigen hoofdkantoor in Kasteel Moersbergen niet thuis geeft. Ik besluit om maar eens een “Brammetje” op haar los te laten, ofschoon ik de Zwagemaker methode van zakendoen niet echt kan waarderen. “Liz, I am utterly disappointed you couldn’t get us a decent line of credit,” val ik gelijk aan, wetend dat ze de miljoenen die reeds via onze rekening gevloeid zijn niet wil missen. Het heeft haar binnen de Summit Bank organisatie de meest vooraanstaande Vice President gemaakt. Het blijft even stil. “Peter,” antwoordt ze schuchter, “it is in the hands of Shirley Nelson.” Ah, Shirley Nelson is de oprichter en President/CEO van de Summit Bank. Laat ik nou een uitnodiging hebben gekregen voor haar chique kerstfeest op 4 december. Dat regel ik dus zelf wel. Zucht van opluchting aan de andere kant van de lijn. “Actually,” vervolgt Liz, “I called to inform you that we received a wire transfer of $250.000.” M’n hart maakt een sprongetje van opluchting, ofschoon het de helft is van de toegezegde gelden, mede met het oog op de te verwachten slotrekening van aannemer Dennis Stearns. Maar zelfs wanneer ze dat niet overboeken, redden we het waarschijnlijk wel met nog inkomende voorschotten van jaar 2000 studenten. Ik bedank haar koel beleefd en laat Gary weten dat hij maandag ook z’n salaris krijgt. “Yeehaw,” komt de enthousiaste response van het belendende kantoor. Het is nu eenmaal zo dat de meeste Amerikanen inderdaad van paycheck naar paycheck leven en derhalve geen enkele reserve hebben. Sparen is voor de Dagobert Ducks van deze wereld. Na een rustig weekend denderen we de week weer in. De Chamber Luncheon, met de City Manager, vindt plaats in Emeryville’s Holiday Inn hotel. Bob Canter, de immer nerveus aandoende President van de Emeryville Chamber of Commerce, staat al bij het spreekgestoelte en is duidelijk opgelucht dat we er zijn.

Bob Canter, President/CEO Emeryville Chamber of Commerce

Ook Liz Altieri, in haar rol van penningmeester van de Chamber, is prompt op tijd en fladdert op ons af. “I talked with Shirley Nelson,” spreekt ze gehaast, “the creditline is only a matter of days.” Ik bedank haar vriendelijk en ga er verder niet op in. “Cool as a cucumber man,” gniffelt Gary. Na de nodige formaliteiten van Bob Canter en wat city aangelegenheden belicht door City Manager John Flores, is de beurt aan het dynamische duo van Ex’pression. De circa 100 aanwezige zakenlieden hangen de volle 20 minuten die we hebben aan onze lippen, waarna ook nog een pittig rondje Q&A volgt. Na afloop moeten we ons als het ware losrukken, ook al omdat ik morgen naar Orlando vlieg en we nog wat knopen moeten doorhakken over draadloze communicatie. ’s Avonds, tijdens de avondmaaltijd, vertel ik de jongens dat ik twee nachtjes afwezig zal zijn. Voor zover ik weet zijn wij zowat uniek als familie die gezamenlijk aan tafel zit tijdens de maaltijd. Van Bo-Peter en Kaj hoor ik veelal dat ze bij vriendjes eten met het bord op de schoot voor de TV. In ieder geval doen wij dat niet, en het geeft ook de mogelijkheid om gezamenlijk dingen te bespreken. “Twee nachtjes redden we wel mam,” spreekt Bo-Peter volwassen. Je ziet Kaj denken aan kattenkwaad, terwijl Ivar geconcentreerd door eet. Rustige avond, rustige nacht. M’n vlucht met United gaat vanaf Oakland via Denver naar Orlando, waar ik rond de klok van zes aankom. Weliswaar drie uur tijdsverschil met Californië, maar vanaf huis toch ruim acht uur onderweg geweest. Ofschoon het vliegen me soms doet denken aan een veredelde busreis, gaat ook mij dit soms niet in de koude kleren zitten. Ik neem een taxi naar de Hampton Inn Suites waar Silent Planet oprichters John-Erik en Loyd op me wachten. Na ingecheckt te hebben, geven ze me een fraai ingepakt portret, memoreren mijn liefde voor voetbal, en vragen of ik dit herken.

En of ik dit herken, de beroemde foto van het Engelse wereldkampioenschap van 1966, zij het ietwat aangepast. Het hoofd van aanvoerder Bobby Moore is vervangen door het mijne: “watch the logo,” voegt John-Erik er ten overvloede aan toe. ‘Ik’ zit op de schouders van Gary en Eckart, oorspronkelijk Geoff Hurst en Ray Wilson. Tweede van Links is John-Erik met rechts naast hem Loyd Boldman. “Awesome,” mompel ik verbluft. Ik bedank ze hartelijk en bereid ze voor op de vergadering van morgen, en wat ze van Bram kunnen verwachten, die inmiddels gearriveerd zou moeten zijn. “Talking about the devil,” merk ik op. Door de ruit van de lobby zien we zijn silhouet en een opgloeiende sigaret. Bij binnenkomst merkt Bram ons gelijk op en begroet de Silent Planet boys op joviale wijze. Typisch Bram: hij ziet de WK foto en merkt sarcastisch op dat ik klaarblijkelijk mijn ‘omkopertje’ al gekregen heb. Voor de tengere John-Erik en de massale Loyd klinkt Nederlands als Swahili, maar aan de toon herkennen ze iets naars. Bram gaat over op de joviale toer, bestelt een biertje en met z’n “hey guys, so good to see you,” herstelt hij de sfeer. De avond wordt afgesloten met familie ditjes en datjes en we verzekeren hen morgen tijdig aan te schuiven voor de boardmeeting. Bram tolt ook van de slaap en gaat proberen z’n jetlag bij te slapen. Voordat hij in de lift stapt meent hij nog wel even te moeten zeggen dat hij John-Erik en Loyd morgen niet zal sparen. “Verwacht ik ook niet van je Bram,” laat ik hem weten voordat de liftdeur sluit. Voor mij is het nog vroeg, ik neem mijn WK portret mee naar de lobby bar en bestel een Jack-on-the rocks. Genoeg om over na te denken. De Silent Planet boys zijn niet opgewassen tegen Orkaan Bram, zeker weten. Dat wordt laveren morgen. En jawel, wanneer we tegen half tien ’s ochtends aankomen bij het nederige kantoor waar Silent Planet zetelt, is dit het eerste zinnetje dat uit Brams mond rolt: “wat een kut omgeving”. Ofschoon hij daar geen ongelijk in heeft, vraag je jezelf af of het niet wat genuanceerder kan. John-Erik en Loyd ontvangen ons met alle égards en na de koffie doen we een rondje kantoor, waar alle geavanceerde apparatuur opeen gestapeld staat. Hun twee medewerkers hebben amper ruimte om de toetsen te beroeren. Grappig genoeg begint Bram allereerst met kritiek over het feit dat ze te weinig geld uitgeven van investeerder Ex’tent. “Unlike Ex’pression,” voegt hij er sarcastisch aan toe, met een knikje naar mij. Deze slag onder de gordel laat ik aan me voorbij gaan, Bram komt nog wel aan z’n trekken. Bram vervolgt “this is penny wise pound foolish.” En daar heeft hij gelijk in. Ik leg uit dat waar ze nu zitten geen uitstraling heeft en prospects afschrikt. Daarnaast moeten ze gebruik maken van alle prijzen die ze met hun artistieke producten gewonnen hebben. Ik leg er dik bovenop dat Ex’pression binnen één jaar verder is dan Silent Planet in de drie jaar van hun bestaan. “And yes,” verwijs ik naar Bram, “some people feel it’s overkill, we feel it’s money well spent.” Zo, steek die in je zak Bram. De lijvige Loyd stelt voor om de binnengebrachte broodjes te nuttigen en voorkomt zo een wat fellere discussie. De middag besteden we aan het maken van toekomstplaatjes, waarna we ons op weg begeven naar een Italiaans restaurant om de hoek. Bram acteert nu of er nooit enige discussie of beledigende opmerking heeft plaats gevonden. Hij is gelukkig wanneer hij van tijd tot tijd buiten een saffie kan opsteken.

Archieffoto Bram Zwagemaker

Ik vraag me af waarom ik me erbij heb laten lubben om sowieso boardmember bij Silent Planet te zijn. Dat ik er geen stuiver wijzer van word is één ding, het tijdverlies zit me meer dwars. Nou ja, ik ben het aan Eckart verplicht, zullen we maar zeggen. Na het diner worden we door John-Erik afgezet bij ons hotel waar ik met Bram nog een afzakkertje neem. “Peter, ik maak me zorgen over Loyd,” vat Bram gelijk de koe bij de horens. “De omvang van die man garandeert vandaag of morgen een hartaanval, wellicht moeten we dat morgen aankaarten.” Haastig sla ik mijn drankje achterover, deze discussie wil ik niet aangaan, zeker nu niet. Wil hij Loyd de zak geven? “Ik ga een tukkie doen Bram, laten we hier even goed over nadenken.” “Welterusten diplomaat,” bromt Bram, “ik steek nog een peuk op.”

Volgende week: scherpe discussie bij Silent Planet. Xmas party bij Shirley Nelson, eigenares van de Summit Bank. Problemen met Gary over Full Sail.