“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 73

Nog steeds geen arbeidsovereenkomst. Het eerste ‘Open House’ al op de eerste zondag van het nieuwe jaar.

De eerste week van het nieuwe jaar verloopt rommelig, ook al omdat zondag de 7e ons eerste ‘Open House’ van het nieuwe jaar is, met nu al 124 aanmeldingen. Dat vereist organisatie. Direct daarna twee dagen in Las Vegas om de Consumer Electronic Show (CES) bij te wonen, met als doel onze afgestudeerde studenten een baan te bezorgen. Zaterdag vertrekken Rick, Imelda en Rico na een intensieve twee weken familie bijeenkomst die wel wat weg had van het weer: wisselend bewolkt, met hier en daar een bui. Met Gary heb ik op een tweetal businesslunches na weinig van doen gehad. Wel zo rustig. Zondagmorgen zien we tot onze prettige verbijstering een gigantische rij mensen voor de entree staan. Dat overtreft alles wat we in de afgelopen twee jaar meegemaakt hebben. Voordat Gary en ik de bühne opgaan voor onze gebruikelijke begroeting, wordt in ons oor gefluisterd dat er 176 aanwezigen zijn. Stoelen tekort. Grappig genoeg hebben we in het begin van onze ‘Open House’ serie met opzet te weinig stoelen neergezet omdat het indruk maakt wanneer mensen moeten staan. Maar nu komt het er op neer dat we niet meer dan 125 stoelen hebben. Adrenaline stuwt ons het toneel op, deze zondag kan niet meer kapot. Gary en ik zijn ‘on top of our game’ en zien kans om in alle vroegte de mensen beurtelings zowel te laten klappen als te laten lachen. Ook het gegeven dat het studenten zijn die potentiële studenten rondleiden, en dat letterlijk alles gevraagd kan worden, doet het heel goed. Het wordt een lange zondag waar uiteindelijk zeven gretige jonge mensen ‘on the spot’ zich laten registreren en 21 met registratieformulieren Ex’pression verlaten. “That’s what I’m talking about,” kraait Gary terwijl hij me een borststomp geeft. Vervolgens tikt hij me op m’n badge: “happy with Gary now, Mr. CEO,” is z’n duidelijke vraag om waardering.

“Today you are Mr. Ex’pression, Gary,” loof ik hem enigszins beschaamd. Mijn beloning is een dikke ‘hug’ van Gary. “See ya tomorrow when I pick you up, Gary,” zijn m’n laatste woorden voordat ik naar huis rij. Moe en uiterst voldaan kom ik thuis. Zondagse harmonie met de familie valt mij ten deel, en ik vreet het. Maandag pik ik Gary om kwart over zeven op, onderweg naar Oakland Airport. We checken geroutineerd in en landen na een vlekkeloze South West vlucht om even over half elf in Las Vegas. CES is een megashow, verdeeld over vele hallen en hotels. Gary en ik hebben een pad uitgestippeld waar we in de twee dagen die we hebben zoveel mogelijk potentiële werkgevers in de entertainment industrie gaan bezoeken. “Put on your walking shoes”, dat is een advies om in acht te nemen. De energie in de diverse hallen, plus de naam die we inmiddels bij de diverse bedrijven hebben opgebouwd, maakt dat we ons op vleugels voortbewegen. De overtreffende trap van opwinding gedurende de CES is de met spanning verwachte introductie van Microsofts potente Xbox video game console, waarmee je onder anderen ook DVD’s kunt afspelen.

Bill Gates doet persoonlijk de introductie, samen met worstelfenomeen ‘The Rock’. Slim natuurlijk, omdat de introductie gecombineerd wordt met een game over worstelen, ‘Raw is War’, gebracht door de WWF (World Wrestling Federation). Voor Gary en mij is het van belang om te weten hoe dit ons in voortgang zijnde game curriculum zal beïnvloeden. ’s Avonds leggen we onze vermoeide voeten te rusten aan de bar bij Caesars Palace, een begrip in Las Vegas. Uiteraard komen we weer terug op ons favoriete onderwerp: onze arbeidsovereenkomsten. Gary zingt als het ware “they’re fucking us, Pete!”, waarna hij een flinke teug van zijn ‘Manhattan’ neemt, hetgeen meestal een opmaat is naar een grotere uitbarsting. Ik temper het enigszins door het gesprek te brengen op Chris Coan, die door Gary bij ons geïntroduceerd is als de man die zijn back-up moet worden. Chris komt van Full Sail, alarmbellen gaan af, is uiterst bekwaam, en is een voormalige zanger en toneelspeler. Voelt goed aan, zij het soms wat kunstmatig. Gary’s stemming slaat gelijk om: “great guy, what a steal, we’ve got him for nothing.” Helaas is er altijd een stemmetje in mij dat waarschuwt of hij dit nou doet om Full Sail dwars te zitten, dan wel dat hij overtuigd is van de meerwaarde van Chris Coan. M’n onderbuik zegt dat Coan in ieder geval aan het laatste voldoet. Over de dag als zodanig zijn we meer dan tevreden en we besluiten om niet al te laat ons kooitje op te zoeken. Met nog zo’n dag voor de boeg kunnen we het ons niet veroorloven om de avond in nevelen af te sluiten. Neemt niet weg dat het alsnog een lange dag wordt, gekenmerkt door vele gesprekken met bekenden en relaties die we op onze colportagetocht tegenkomen. Op ons tandvlees boarden we South West vlucht 1544 naar Oakland, waarna ik bewonder hoe Gary, nog geen minuut nadat we in de lucht zijn, in snurken uitbarst. Onderweg heeft hij klaarblijkelijk een nare droom gehad omdat hij tijdens de rit naar huis plotseling Bram Zwagemaker als de grote kwade genius bestempelt. “Believe me Pete, Femke is just a puppet,” oreert hij. Voordat ik hem thuis afzet in Walnut Creek, doordring ik hem ervan dat we Femke de ‘benefit of the doubt’ moeten geven. Schokschouderend pakt hij z’n tas en zegt zachtjes “you’re the boss, Pete.” Uiteindelijk wel, bedenk ik me, ik word afgerekend op het eindresultaat. Grappig, net nu we het er over hebben gehad, komt er een e-mail van Femke binnen:

“How nice,”mompel ik onbewust in het Engels, “the ball is in our court.” Maar hey, laat ik nu een mooie geheimhoudingsovereenkomst bij de hand hebben. Die gaat met kerende e-mail post naar Femke. Nu zou het toch nog maar een kwestie van afronden zijn, lijkt me. Gary toont zich oprecht tevreden met allereerst de felicitatie van Femke inzake februari, en daarnaast het feit dat de afronding om de hoek ligt. Tevens wil hij absoluut met me lunchen. “Why,” vraag ik verbaasd. “Ex’pression is two years old, baby, let’s celebrate,” roept hij enthousiast. Nou, daar is niets op tegen. De lunch is als in onze eerste dagen, vrijuit pratend, zonder voorbehoud, volop enthousiasme. En dan te bedenken dat morgen klas 6 afstudeert. Wat een weelde. Zaterdagmorgen sta ik op de weegschaal en zie bezorgd dat ik de 92 kilo gepasseerd ben. De vele lunches, maar ook alle snacks gisteren na de afstudeerceremonie, en die daarvoor, gaan hun tol eisen. Hoewel, eisen? Toevoegen zal je bedoelen. Opletten geblazen. Het wordt tijd om het hoofd weer eens te klaren en dat kan mooi bij Bo-Peters honkbalpotje. En al babbelend met de ouders over ‘balls’ en ‘strikes’ komt de rust over me die af en toe zo nodig is. Woensdag 17 januari heb ik een tweede sessie met onze sound director Duke Zaffery. Duke heeft problemen met Gary, nadat hij geuit heeft dat hij wat financiële problemen heeft. Gary is daar onmiddellijk op ingesprongen en heeft hem verweten dat zijn probleem veroorzaakt wordt omdat hij drugs koopt voor zijn spilzieke vriendin. “Gary, of all people,” verzucht Duke.

John Scanlon en Duke Zaffery kopen audio spullen bij Leo’s in Oakland

Duke is op zich best een rockstar, zeer geliefd bij al zijn mensen, en zeker ook bij z’n tweede man, John Scanlon, die ondanks zijn babyface al heel wat ervaring heeft. Eigenlijk wil Duke weg. Duke, ook afkomstig van Full Sail, heeft voor hun komst naar de Bay Area Ex’pression curriculum in Florida geschreven voor Gary. Hij beschouwt Gary kortom als de pot die de ketel verwijten maakt. Ik moet een gesprek tussen Gary en Duke tot stand brengen. Op één of andere manier moet ik een wapenstilstand bereiken, zeker ook omdat het sound programma één derde van ons studentenbestand beslaat. Duke stemt in om nog een poging te wagen, helaas spreekt zijn lichaamstaal het tegendeel. Gelazer, dat is het. En ook nog eens een keer over drugsgebruik. Kwartet, denk ik zwartgallig: Eckart, Gary, Duke en Woody. Even heb ik er geen behoefte aan om opzoek te gaan naar andere gebruikers. Na mijn uitgebreide budgetsessie met Ed Niskanen, ga ik het weekend in met één gedachte; gewoon iets met de familie doen. Zaterdag is Kaj aan beurt op het honkbalveld en vanachter het beschermende hekwerk moedig ik hem aan tijdens zijn slagbeurt.

Kaj kijkt om en…….”strike three,” gilt de umpire in wording. Mismoedig hobbelt Kaj terug naar de dugout om daar z’n catcher outfit aan te trekken. Mijn troostende woorden dat zelfs de beste slagmensen maar ééns in de drie keer raak slaan, glijden van hem af. Zo glijdt ook de tegenzin van me af om Gary te bellen inzake Duke Zaffery. “Hello,” komt de stem van Gary luid en duidelijk door.

Volgende week: een heftig gesprek op het honkbalveld. Een Belg gaat zich bemoeien met onze arbeidsovereenkomst.