“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 76

De Belg gaat zich meer en meer met ons bemoeien. Eckart komt met een explosieve mededeling.

Terugblikkend op de boardmeeting, lijkt alles meer en meer voorgekookt. Amper een kritisch woord, zelfs lof, en instemming met de gang van zaken. We hebben nog nooit zo snel ‘The Townhouse’ aangedaan. Ik bedenk me, de morgen van 15 juni, dat stroop en azijn de afgelopen maanden dicht bijeen waren. Gary en ik zijn in afwachting van onze vroege conference call met de meer en meer zich met onze zaken bemoeiende Belg Frank Monstrey, en Femke Groothuis. Het gaat weer eens over onze arbeidsovereenkomsten en het concurrentiebeding. “I’m just wondering about Boy Wonder’s latest tricks,” sneert Gary die genoeg heeft van Franks bemoeizucht. En ondanks dat steeds beweerd wordt dat hij belangrijk is, is zijn rol niet officieel ingevuld. M’n gedachten worden even voor acht uur onderbroken door het inkomende gesprek met Frank en Femke, waarbij Frank, quasi joviaal als altijd, begint met “good morning you sunny folks.” Gary grimast. “Good afternoon Frank and Femke,” zeggen we in koor. De inhoud van de arbeidsovereenkomst laat weinig meer te wensen over. “Not too bad after three years,” sluit ik het enigszins sarcastisch af. Het concurrentiebeding daarentegen oogt als een set boeien voor Gary en mij, hetgeen ik ook uit naar Frank. Die haalt ongelooflijk uit: “who do you think you are,” briest hij. Even valt er een stilte. “Frank, let me know how you wil fix this, and don’t forget our stock option agreement,” kap ik het gesprek in kille woede af. Gary vindt het geweldig: “you are beautiful when you’re mad, Pete,” giechelt hij. Tegen wil en dank lach ik, maar waar bleef Femke op het laatst vraag ik me af. Ik mag Femke wel, ze houdt stevig stand in een HQ boordenvol testosteron. Tijdens onze lunch in ‘The Townhouse’, vastgelegd door Eckart, kreeg ik een heel goede indruk van haar.

Intelligent tot en met, excellente keuze van baas Wintzen. Ik vraag Gary of Eckart de laatste maanden op hem dezelfde indruk maakte als door mij geschetst; of strooiend met complimenten of je naar beneden halend. “You got a moment,” zegt Gary spottend. Vanaf het moment dat Eckart Gary mededeelde dat hij absoluut niet de kwaliteiten had om als CEO te functioneren, voelt Gary zich gekleineerd. Voor de zoveelste maal komt hij met z’n Full Sail ‘horror’ verhaal kerstmis 1996, z’n aarzelingen begin 1998 of hij wel door moest gaan met Wintzen, en al de kleineringen in de tussentijd. Hij besluit: “and now, after Eckart and Bram, we got this fucking Belgian joke.” Klaarblijkelijk heeft Gary’s Belgische ‘vriend’ spijt van zijn uitval naar mij toe, want binnen een uur na de conference call, gedurende mijn babbel met Gary, komt een spijtbetuiging binnen:

Hij laat het volgen door een flauwe grap over President George W. Bush in een neerstortend vliegtuig met te weinig parachutes. Opvallend is ook dat Femke niet is opgenomen in deze boodschap. Wellicht ziet Frank spijt als een zwakte ten opzichte van zijn ‘horigen’. “Well, well,” zegt Gary, “I guess the empire is crumbling.” En ja, wat ons natuurlijk gelijk opvalt is het feit dat Frank één van Eckarts portfolio bedrijven aan het redden is. Dus dat wordt klaarblijkelijk z’n rol: puinruimer. Gary en ik sluiten een pact inzake Frank: ‘killing him with friendliness’. Gary gaat naar zijn volgende afspraak en roept me nog toe om het in mijn eigen “funny language” met Eckart te bespreken. Omdat ik 24 april Joi Ito bedankte voor zijn kortstondige rol op ons board, aannemende dat Eckart hem dat inmiddels verteld had, niet dus, zijn Gary en ik in de race om in plaats van het Japanse wonderkind Randy Nelson binnen te hengelen. Randy is een persoonlijke vriend van Steve Jobs en Dean van Pixar University.

Tijdens een ‘Open House’ bij Pixar schiet ik, in mijn rol als bestuurslid van de Emeryville Chamber of Commerce, Randy aan. Natuurlijk is hij ‘honored’, maar of Steve dat wel goed vindt is te betwijfelen. Ik dring niet al te veel aan omdat wij ook al bezig zijn om een stagiaire programma met Pixar verder uit te rollen. Maar het feit alleen al dat Randy zich gevraagd voelt, versterkt onze band! Zaterdag eindelijk wat rust tijdens een baseball party met de jongens bij de Oakland Athletics. Ook rust voor Astrid die genoeglijk in haar eentje van onze heerlijke tuin kan genieten. Bij de A’s worden de jongens vastgelegd in hun beste pose. Met name Ivar, die nog niet actief mag honkballen, is hyper van enthousiasme.

Met de klok mee: Kaj, Bo-Peter en Ivar

Wat een genoegen om met de jongens hier en daar wat te dollen in het ‘Coliseum’, thuishaven van zowel de A’s als de Oakland Raiders. Oude betonnen bak, maar wij zijn er blij mee en de hot dogs smaken prima. Heerlijk weekend achter de rug, weer gereed om een beer op te eten. De Amerikanen noemen het een ‘pissing match’ waarin Eckart en ik geraakt zijn. Ik heb ongelooflijk spijt dat ik ook de notulen van de uitgebreide management team meetings naar Eckart gestuurd heb. Vanaf zijn bazenstoel in Austerlitz begint hij nu te micro managen, eigenlijk mierenneuken, en zich met van alles en nog wat te bemoeien. Onze laatste activiteiten bestempelt hij als ‘volksverlakkerij’, en dat doet de emmer overlopen. Laf genoeg antwoordt hij alleen Bram, Frank en mij in het Nederlands, en met name niet onze redelijk nieuwe marketing manager; Karen Wertman. Zijn pijlen richt hij voornamelijk op haar.

Het inzicht voor wat betreft de lokale economie schijnt ook helemaal aan hem voorbij te trekken. Je vraagt je ook af of ze daar in Austerlitz wel met elkaar overleggen. Bram en Frank zijn in april maar liefst drie dagen bij ons geweest waarbij één van de voornaamste topics ‘GELD’ was. “Money is too tight,” werd een angstige Ed Niskanen meerdere malen ingewreven naar aanleiding van zijn cashflow prognoses. En nu komt de heer Wintzen ons vertellen dat er juist wel geld uitgegeven moet worden. Misschien kent hij de inhoud van z’n eigen portemonnee niet zo goed, gaat het door me heen. Tijd om dit telefonisch uit te spreken. Na veel proberen krijg ik Eckart vrijdag eindelijk rond het middaguur te pakken. “Zeg het is, baas,” bromt hij door zijn mobiele telefoon. Na het opsommen van wat heikele punten zoals geld, zijn micro management, zijn ups en downs qua reacties, en met name de inbreng van de voor ons eigenlijk onbekende Belg Frank Monstrey, roept hij me een halt toe. “Peet, we gaan dit structureler aanpakken, en daar gaat met name Frank voor zorgen.” Ik zwijg in alle talen, niet bepaald blij gestemd. Eckart vervolgt: “Ex’tent is uit de klauwen gegroeid met nu 24 participaties, en ik ben niet van plan op m’n ouwe dag klokje rond te werken.” Hij neemt een trekje en vertelt me dat hij daar ook niet meer de energie voor heeft en daarom naar een jonger iemand heeft uitgekeken. Iemand die jong genoeg is om lang mee te kunnen, humoristisch en gelijktijdig serieus, en de mensen ziet als mensen, en niet als projectnummers. “We werken nu de structuur uit en gaan het volgende maand officieel bekendmaken.” M’n brein maakt overuren in de stilte die valt. Een paar van de door Eckart genoemde goede eigenschappen van Frank heb ik helaas nog niet mogen aantreffen. “En,” klinkt het ongeduldig. “Eck,” antwoord ik politiek, “meer structuur wordt op prijs gesteld, aan Frank moeten we nog wennen, maar hij krijgt uiteraard de ‘benefit of the doubt’,”. Ik hoor een korte zucht, waarna Eckart afsluit met “je gaat hem echt waarderen, en weet dat ik in ieder geval ‘chairman of the board’ blijf bij Ex’pression, mijn lievelingsproject”. “Goed om te weten Eck,” besluit ik, “heb een goede avond.” Kort informeer ik Gary, die als verwacht reageert: “un-fucking believable.” De romantiek is eraf, we zullen alles nog beter moeten vastleggen.

Volgende week: de officiële mededeling klinkt anders dan door Eckart verwoord. De mysterieuze achtergrond van de Belg. Een vreselijke dag breekt aan voor Amerika.