“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 91

Eckart reageert onmiddellijk, en als door een wesp gestoken. Onenigheid over (nieuwe) boardmembers.

Vanwege alle besognes kom ik wat afwezig thuis en bespreek pas een en ander met Astrid nadat de jongens hun kamer hebben opgezocht. Haar conclusie is recht op de man af; “het wordt erop of eronder, toch.” Zo scherp wil ik het niet stellen, maar het komt er wel min of meer op neer. “Liever naar huis dan die eeuwige onzekerheid, schat,” bezweer ik haar voordat we ook onze slaapkamer opzoeken. Of een management buy out, denk ik stiekempjes. Na een korte nacht en de eerste mok koffie, komt Eckarts e-mail binnen. In ieder geval begint hij met “Goede Peter”. Niet slecht.

Het is een lijvige. Ik lees snel half hardop: “met de notulen is iets genant misgegaan. Hectiek in de zomer, helemaal mijn schuld. Brandende problemen, sorry, ik had er op moeten letten, nog een keer zeer genant over het proces”. En dan komt natuurlijk het vingertje: “……maar als wij altijd zo’n scheldtirade zouden opzetten als er iets misgaat bij jullie……” En dan er nog eventjes dun overheen: “Ik mag je toch verzoeken om in het vervolg de normale regels van fatsoen in acht te nemen”. Het is zo’n moment dat ik alleen maar kan denken of die man wel weet wat zich in z’n eigen toko afspeelt. Vervolgens legt Eckart uitbundig uit hoe een en ander volgens hem in elkaar steekt, met hier en daar een retorische vraag. Daarna meldt hij een pittig gesprek te hebben gevoerd met het in mijn ogen nutteloze boardmember Jane Metcalfe. “Ik kan haar er ook niet met geweld naar toe slepen”, zegt hij over haar afwezigheid bij boardmeetings. Maar ook dat ze belangeloos haar kop heeft geleend voor een campagne en tijd heeft gegeven om met ons te spreken over marketing aspecten. Dan komt het: “wat heeft het overigens voor zin om daarover sneren naar mij te doen”, vraagt hij zich af. Ik wend m’n ogen even van het beeldscherm af om nog een slok koffie te nemen, maar ook omdat ik niet tegen dit soort van rijkeluis Calimero gedrag kan. Hij scheert ook Frank, ‘onze’ Belg, over dezelfde kam qua sneren. En dan komt er weer zo’n gotspe wanneer hij schrijft dat ik als directeur toch zelf in de hand heb dat er alleen maar een voorlopig arbeidscontract ligt. En dan gaat hij maar door dat het door anderen wordt behandeld, onder het motto ga dan met die mensen in discussie, maar niet met mij. Wat een ongelooflijk wegloopgedrag, al die afspraken zijn nota bene met hem gemaakt. Hij geeft wel aan dat de school, zoals die er nu staat, een hele prestatie is, maar dat er nog steeds verlies gedraaid wordt. Dat laatste is waar, echter ook verhoogde en toegevoegde bijdragen die we moeten afstaan, zijn daar mede debet aan. Hij komt nog met wat halve waarheden en verzinsels, maar besluit heel lief met: “wees gegroet lekkere heethoofd vamme”. Het doet aan als het schrijven van iemand die woedend begonnen is en naarmate hij vorderde milder werd. Mijn indruk is wel dat Eckart niet echt weet wat er gaande is en wat er zoal geproduceerd wordt. Hoe vreemd het ook moge klinken, het lijkt me een goed uitgangspunt voor de boardmeeting. Dat meld ik ook aan Astrid die net binnenloopt om te zeggen dat we met de kinderen gaan ontbijten. Ik vermoed dat ze m’n manier van denken krom vindt, maar laat het erbij. Wel zegt ze dat ik me nu moet concentreren op de familie BBQ van de Boy Scouts ‘troop’ van Bo-Peter vanmiddag. En dat beloof ik met de hand op m’n hart. Het klinkt misschien merkwaardig, maar de scout BBQ bijeenkomst is een verademing in vergelijk met de spanning van de afgelopen dagen. Alle aanwezige ouders praten over de vorderingen van hun jongens, alsmede hun toegenomen vaardigheden. Ook Bo-Peters zelfverzekerdheid is op 11-jarige leeftijd behoorlijk toegenomen.

Onder toeziend oog van Ivar en Astrid knoopt Bo-Peter Kaj’s das

Kaj vindt spelletjes en zo wel leuk, maar doet niet mee aan knopen in touwen en knopen aannaaien. Zijn carrière bij de scouts zal waarschijnlijk van korte duur zijn. Ivar doet overal aan mee en incasseert de complimenten over zijn aanpak tussen de ‘big’ boys met een ‘big smile’ op z’n blonde koppie. Al met al lekker relaxing, zelfs zonder een glaasje chardonnay of iets dergelijks. ‘Not done’ wanneer de scouts actief zijn. Helemaal goed. Ik voel me klaar voor de week die in aantocht is, en dat voelt lekker. In plaats van nogmaals naar e-mails te kijken, nemen we thuis bij het zwembad, waar de temperatuur inmiddels is gedaald tot een heerlijke 23 graden, een koel glas chardonnay. ‘Heaven, if only for a few hours’. De eerste de beste e-mail die ik ’s ochtend bij Ex’pression ontvang is van Frank Monstrey. Ik ga er eens even voor zitten. Frank schrijft dat hij bijna met de valiezen in de hand stond toen hij van Eckart hoorde over de nogal stormachtige mail uitwisseling tussen hem en mij. Letterlijk schrijft hij: “Het siert Eckart dat hij mij in bescherming neemt voor het feit dat ik het herlezen en terugsturen van de notulen volledig in het honderd heb laten lopen. Mea maxima culpa”. Uiteraard is hij het niet eens met de stijl en de inhoud van mijn e-mail. Hij wil de mail uitwisseling met Eckart als niet gestuurd en niet gelezen beschouwen. Vervolgens mag ik, wij, een serie complimenten incasseren en is zijn voorstel om de ‘delete’ knop van Bill Gates te gebruiken, en alles rustig deze week te bespreken. Hij tekent met ‘Je vriend Frank’. Dat is nog eens promotie maken. Op basis van mijn e-mail, waar hij het niet mee eens is, ben ik zijn vriend geworden. Oppassen dus. ‘Killing with friendliness?’, ik doe mee.

Ik sluit af met de verwijzing naar onze april meeting toen we elkaar de hand gaven om zaken te verbeteren, als aangegeven in mijn email. Daar is weinig van terecht gekomen. Ik sluit af met ‘Je vriend’, en verwijder dat haastig, dat gaat me echt te ver. We hoeven niemand van SFO op te halen, zij het dat Eckart woensdagmiddag met Gary en mij om de tafel wil gaan zitten. En daar zit Eckart als de pater familias die z’n onwillige zonen een positief lesje komt geven. En vanaf dat moment vervaagt alles. Tot en met de boardmeeting aan toe wordt het een lange brei aan woorden en verklaringen van de heren Wintzen, Zwagemaker en Monstrey die monotoon als volgt tot mij komen: ‘Analytisch bruikbare informatie – interessante discussies vanwege cijfermateriaal – Ex’pression team sterk op vooruit gegaan – hoe gaan we met elkaar om – wanneer draaien we winst – kan er bespaard worden – er mag niet gemorreld worden aan het marketing budget – uitbreiding met noodgebouwtjes – parkeren onder de Bay Bridge – denk ‘out of the box’ Peter, je bent een Nederlander – frustraties en teleurstellingen’. Ook tijdens het diner met de boardmembers en het vervolg op vrijdag blijft het een diarree van complimenten, terechtwijzingen, en als het ware heropvoeding. En dan, als stilte na de storm, wordt het oorverdovend stil om een uur vrijdagmiddag. ‘Not so fast’, zeggen ze hier dan, Eckart wil met Gary en mij lunchen in The Townhouse’. “Another punitive expedition,” hoont Gary terwijl hij instapt. Strafexpeditie? Ja, wie weet. Eckart stapt achterin en zwijgend rijden we naar The Townhouse. Nadat ‘valetman’ Angel m’n auto in ontvangst heeft genomen, worden we naar een goed tafeltje op het terras geleid. Na besteld te hebben, neemt Gary het woord en memoreert alle successen die we geboekt hebben, zonder tegenslagen te vermijden. Hier en daar val ik hem bij, maar het lijkt of Eckart alleen maar kribbiger wordt wanneer ik iets aanvul of verbeter. Iets moet hem gigantisch dwarszitten wat niets met ons van doen heeft. Of wel. In ieder geval wordt de sfeer er niet beter op. Na z’n tweede Sierra Nevada Pale Ale valt hij me bruusk in de rede en snauwt in het Nederlands; ”waarom ben jij dan niet net zo rijk als ik.” Het bloed stijgt naar m’n gezicht, m’n woede is overweldigend. “Omdat ik niet zo gemeen ben als jij, lul,” bijt ik hem toe en sta pal voor hem op. Ik heb maar één overheersende gedachte; ‘ik sla hem boven op z’n bek’.

Volgende week: dreigend handgemeen bij The Townhouse. Weer trammelant met de cashflow. Bram Zwagemaker doet ook een duit in het zakje.