“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 116

Het verhelderende gesprek met Lincoln Frank over de investeringsgesprekken tussen hem en de Belg. De verbijsterende houding van Eckart na ‘Burning Man’ verziekt de boardmeeting.

De vlucht naar Providence met United Express heeft iets weg van stijgen en kort daarna dalen, zo snel is het voorbij. Onderweg naar ons hotel raken we onder de indruk van karakteristieke 18e en 19e eeuwse huizen op onze route. De taxichauffeur meldt vol trots dat Providence een der oudste steden van New England is. En zo voelt ook Hotel Providence aan, dankzij een mengeling van Europese en Amerikaanse flair. Gary vindt het met 20 graden in augustus maar killetjes en spoedt zich naar z’n kamer om een sweater aan te trekken. Tijdens een licht laat diner besluiten we met Lincoln Frank morgen volledig open kaart te spelen om te kunnen beoordelen of hij al dan niet aan boord komt. Met dat voornemen gaan we de nacht in. 10 uur donderdagmorgen is het zover, stipt als van een voormalige topbankier verwacht mag worden, meldt Lincoln zich. Vervolgens windt hij er geen doekjes om. Eigenlijk is hij nog steeds verontwaardigd over de actie van Belgische ‘vriend’ Frank, die hem in Las Vegas als het ware overviel door $6 miljoen extra te eisen ten behoeve van Ex’tent. Wel is hij zich bewust van de waarde van Ex’pression, maar ook wil hij inzicht hebben over de houdbaarheid van het zittende management. M’n wenkbrauwen gaan omhoog, waarop Lincoln droogjes zegt, “Frank Monstrey had no issue replacing management when I asked that question.” Er valt even een stilte die doorbroken wordt door Gary; “tell me Lincoln, is there a possibility to get the $6 million issue off the table,” is zijn ter zake doende vraag. Het is duidelijk dat Quad niet bereid is om het geld zelf in te brengen, dus ‘brainstormen’ we in het wilde weg door alle opties op tafel te gooien. “Mortgage,” schreeuw ik het bijna uit. Het januari rapport van Ernst & Young, waarbij nog sprake is van meer dan twintig ondernemingen waar Ex’tent belang in heeft, vermeldt onder andere ook het Ex’pression gebouw, waar nog geen hypotheek op zit. Lincolns ogen lichten geïnteresseerd op achter z’n typische bankbril met rond montuur. “Yes,” reageert hij bedachtzaam, “we can help there, without being involved.” Het uur daarna werken we allerhande scenario’s uit, zeer tot genoegen van Lincoln, tot het punt dat hij genoeg weet en zegt een voorstel uit te werken. “It’ll be in the hands of the Ex’tent folks early October,” belooft hij. “One thing though, you guys gotta stay put,” besluit hij, ons meer of min quasi dreigend aankijkend. Nou ja zeg, een investeerder die ons ‘dwingt’ te blijven, wat een verschil met onze eigen aandeelhouders. We nemen warm afscheid van elkaar, waarna ik in de taxi de gelegenheid te baat neem om Astrid een warm gelukkig zestienjarige huwelijksdag toe te wensen. M’n enthousiasme over ons gesprek met Lincoln Frank maakt een hoop goed voor mijn afwezigheid. Eerst nu nog de United Express naar Washington en daarna United 235 naar Oakland. “The things we do for love,” mompel ik. “10 CC,” komt het rap uit Gary’s mond. Onze eeuwigdurende muziekquiz mentaliteit gaat onverdroten door. Eén ding is zeker, we zijn zeer in onze nopjes met de omweg die we naar Providence gemaakt hebben. Leuke dagen volgen, maar wat gaan ze rap voorbij. Zelfs tijdens de scheidsrechtertraining, zaterdagmiddag, werd er spontaan gelachten om mijn opmerking na de mededeling dat een official ‘never ever’ een kind alleen in z’n auto mocht hebben, wanneer de ouders er nog niet waren. Ik visualiseerde een kind in de stromende regen op de middenstip in het licht van de koplampen van de auto van een begeleider. Dat was scoren, hetgeen ook gold voor het heerlijke diner dat Astrid en ik verorberden bij gourmet steakrestaurant Ruth’s Chris in Walnut Creek. Met name ook het vooruitzicht om Quad Ventures aan boord te krijgen, gaf behoorlijk ‘peace of mind’. Echt een weekend dat er zijn mocht met ‘happy wife’ en ‘happy kids’. En dat al drie dagen aaneen, als dat maar goed gaat. Met de boardmeeting vanmiddag voor de boeg, goed voorbereid, wat kan er fout gaan, vraag ik mezelf af. En dan doemt Eckart voor me op, koffiemok in z’n hand, arrogantie uitwasemend. Wellicht had Gary gelijk en heeft hij teveel van de ‘good stuff’ genoten tijdens ‘Burning Man’.

“Mogge pik, klaar voor de boardmeeting,” vraagt hij spottend. “Zeker Eck, op een haar na alles in orde,” antwoord ik al doorlopend. “Je zult het nodig hebben,” roept hij me nog na. Wat hij daarmee bedoelt mag Joost weten, afwachten maar. Na de inkomende boardmembers begroet te hebben, opent Eckart de vergadering en vanaf het moment dat hij z’n mond opent barst de kritiek op ons los. En dat niet alleen, ook op onze stafleden. “He’s out of his fucking mind,” fluistert Gary me toe. Zonder enig bewijs daartoe te leveren overigens, ratelt Eckart door. Tijdens de presentatie van Gary, die hij voortdurend onderbreekt met z’n “get to the point” en “hurry up” kreten, laat hij ook niet na om te vermelden dat zonder hem Ex’pression nooit tot stand gekomen zou zijn. Ik kan het niet nalaten om te vermelden dat hetzelfde geldt voor Gary en mij. Zijn geld is pokon, wij zijn de ‘people business’, op dit moment zeker de drijvende factor. Eckart is even van z’n stuk, kijkt de boardmembers een voor een aan, en komt dan met iets dat klaarblijkelijk z’n meesterzet is. “I organized a secret survey, and it showed there’s a lot of room for improvement at Ex’pression.” Tevreden kijkt hij de tafel rond, genietend van de afschuw op onze gezichten en het ongemak bij het gros van de boardmembers. “You did what,” vraag ik vol ongeloof over zoveel achterbaksheid. Het is niet zozeer dat ik zoiets afkeur, maar dat de man die openheid zo hoog in z’n vaandel heeft staan meent dat hij wat dat betreft boven de wet staat, slaat alles. De sfeer is bedorven, dat is zeker. ‘Burning Man’ heeft toegeslagen, bedenk ik vol wrok. Na nog wat lichtvoetige onderwerpen er doorgehamerd te hebben, sluit Eckart de vergadering, bedankt de boardmembers, en verdwijnt met Bram en Frank in z’n kantoor. Gary volgt me naar m’n kantoor en barst dan los, “this fucking idiot is putting us down left and right while grandstanding in front of the other boardmembers. I hate that guy.” Weg is al het positieve van vorige week, ofschoon ik Gary ervan overtuig dat wij met z’n tweetjes essentieel zijn voor investeerders als Quad Ventures. “Pete, my back is killing me, I won’t make it to the boarddinner tonight,” waarschuwt hij me. Slecht idee. “Take your painkillers, Gary, please, our staffmembers need us.” Gary stemt toe, ik beloof hem na het diner naar huis te rijden en morgenvroeg weer op te halen. Gary knikt slechts als een aangeslagen bokser.

Volgende week: het beladen board diner. Eckart probeert met z’n ‘make love not war’ e-mail vrede te stichten, hetgeen totaal averechts uitpakt.