“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 124

De boardmeeting, en het einde van het jaar 2003 is roeriger dan verwacht.

Donderdagmorgen 11 december, een paar uur voordat de boardmeeting begint, is de sfeer toch iets gespannener dan normaal. Wellicht omdat dit keer elk boardmember daadwerkelijk acte de présence geeft. Wellicht heeft Eckart er bij hen aangedrongen om de laatste van het jaar bij te wonen omdat hij wil scoren. Wat helpt om de stemming wat te verluchtigen is de e-mail die binnen komt van Scott McKinley, de CEO van Northface University, die ons gisteren bezocht heeft met zijn team. Over Gary en mij schrijft hij; ‘it is tremendous what you two have built from scratch. You are to be commended. I’m in awe!’. Vlak voor de boardmeeting meldt Gary zich, “that compliment by itself gives me a hard-on Pete,” grijnst hij van oor tot oor. Ginnegappend als teenagers gaan we de boardmeeting in. Na de inleidende schermutselingen en waarschuwingen van Eckart, waarbij z’n borstelige wenkbrauwen bij tijd en wijle vervaarlijk op en neer dansen, verraadt de toon toch dat het diner van gisteren tot een milde stemming heeft geleid. Vervolgens komen Gary en ik aan het woord met ‘the good news’ berichten. Met name het plaatsen van afgestudeerde studenten in banen wordt door ons flink aangedikt. Het ‘over all’ percentage van rond de 80% vergelijken we handig met dat van het fameuze UC Berkeley, dat net de 30% haalt. Natuurlijk heeft de Belg wat te mekkeren omdat we in zijn ogen de 80% niet halen. En Jane Metcalfe valt hem nota bene bij. Onze uitleg dat statistisch gezien een vast percentage van stagiaires tot banen leidt, wordt morrend geaccepteerd. Ook onze schatting dat we tegen het eind van het jaar honderd inschrijvingen kunnen verwachten, wordt met de nodige scepsis ontvangen. Maar, met 81 in de hand weten we waar we over praten, hoewel we dat niet prijs geven. De overige agendapunten worden door Eckart geroutineerd door de vergadering geleid, waarna hij, toch wel tot onze verbazing, ons complimenteert met de progressie van het afgelopen jaar. Zij het dat betere samenwerking met het hoofdkantoor op prijs zou worden gesteld. Voordat we hier ook maar repliek op kunnen geven, hamert hij de vergadering af. Ook goed, Gary en ik kunnen sowieso tevreden zijn, gelet op de narigheid die voorgaande boardmeetings teweeg brachten. Dat is ook de boodschap waar ik mee thuiskom, hetgeen ons gerust stelt over onze volgende verhuisstap, een paar straten van onze huidige woonplek, maar wat ruimer en een tikkeltje hogerop. De heuvel natuurlijk! Het interview met de Oakland Tribune loopt voortreffelijk, waarna ze vrij zijn om kriskras in het gebouw rond te lopen om loslopende studenten en leraren te interviewen. Het interview zal tussen kerst en oud en nieuw worden geplaatst. Hoewel deze aanpak niet zonder risico is, zien we het met een goed gevoel tegemoet. Na diverse ‘Xmas parties’ die week, maken we ons gereed voor de Ex’pression kerstparty die we uitbundig vrijdag de 19e gaan vieren. Voor de gelegenheid rij ik naar huis om me daar samen met Astrid feestelijk uit te dossen, zoals we ook aan al het personeel gevraagd hebben. En voorwaar, onze jongens prijzen ons de hemel in, snakkend naar een avond zonder ouderlijk toezicht. En een feest is het, georganiseerd door onze eigen Kappi Hommert, met alles erop en eraan:

Mevrouw en meneer Laanen worden aan het lachen gemaakt

Ook mijn korte speech slaat aan, conform het concept dat een Amerikaan me ooit cadeau gaf: “like a miniskirt, short and exciting”. In ieder geval wordt het een avond waarbij iedereen met iedereen praat en luid gelach meer dan eens losbarst. In opperste stemming, zij het ietwat luid, keren we huiswaarts. Daar aangekomen lijkt het of de jongens niet veel eerder hun slagveld verlaten hebben, hetgeen bij ons wat gegiechel teweeg brengt. Wanneer je zo tevreden en vol goede gedachten de nacht ingaat, weet je dat alles uitermate geslaagd is. Na nog wat al dan niet verplichte recepties, breekt kerstmis aan, dus ook Astrids 38e verjaardag, en dat gaat me toch een gezellig feestje worden! Maar ’s avonds daarvoor natuurlijk pakjes onder de kerstboom voor de jongens, die dan behoorlijk uitbundig kunnen zijn:

Kaj en Ivar. Bo-Peter absent, schaamt zich waarschijnlijk voor die gekkies

Misschien een moeilijke dag om jarig te zijn, maar sinds jaar en dag hebben wij het idee dat menigeen het als excuus gebruikt om even bij ons langs te komen om zodoende een soort van bedompte familie bijeenkomst te ontlopen. Niets mis mee. En, niet verwacht, toch kijken we wat zenuwachtig uit naar de verschijning van het artikel in de Oakland Tribune. 29 december is het zover, m’n hart gaat er sneller van kloppen. De kop is fantastisch, dan kan het artikel alleen maar positief zijn, bedenk ik me.

Het is een duidelijke parodie op de succesfilm ‘School of rock’, die van Jack Black eerder dit jaar een nog grotere ster maakte. ‘The real’ in het rood als voorloper van de kop is het grootste compliment dat we kunnen krijgen. Het artikel beslaat anderhalve pagina en elke geïnterviewde spreekt vol lof over ons programma. In m’n eentje gloei ik van trots en besluit het onmiddellijk naar de boardmembers en andere belanghebbenden te sturen via de Oakland Tribune site. Eckart is de eerste die reageert met een uit het hart ‘whaoow, great publcity!! Well done’. Een dag later, 31 december, reageren Jane Metcalfe en Frank Monstrey. Jane is het met Eckart eens, ‘fantastic’ en nog meer mooie woorden. Maar, helaas, daar laat ze het niet bij, ze vraagt zich af of het wel verstandig is om te benoemen dat Eckart $30 miljoen geïnvesteerd zou hebben en of 80% plaatsing wel voldoende is wanneer ouders $50 duizend betalen voor de educatie van hun kind. Ze heeft waarschijnlijk Eckarts eigen interviews niet gelezen waarin hijzelf als ‘miljardair’ tycoon ook bedragen noemt. Soit, ze besluit met de volgende volzin; ‘the overall impression from the article is overwhelmingly positive’. En zo is het. ‘Vriend’ Frank is het helemaal met haar eens over het noemen van bedragen, de sukkel. Hij stelt voor om het voortaan te ‘deleten’ van persinterviews. Dan meent hij dat het plaatsingspercentage ook minder is dan 80% en dat we ook daar voorzichtig mee moeten zijn. Wat een azijnzeiker, er komt dan ook geen enkel positief woord uit dat Belgische strotje. Terwijl mijn blikken nogmaals over zijn e-mail gaan, zie ik dat het uilskuiken een ‘reply all’ heeft gegeven, dus is het ook naar de Oakland Tribune gegaan! Ik besluit gniffelend, ondanks het potentiële persprobleem, om een eindejaar overzicht te sturen, beginnend met een sneer naar Frank:

Tevens geef ik aan dat het plaatsingspercentage gaat over de eerste 16 afgestudeerde klassen buiten de wettelijke tijdlimiet. Subtiel geef ik ten overvloede de 30% plaatsing van UC Berkeley aan. Oh ja, dat is waar ook, inmiddels hebben we 105 inschrijvingen, iets meer dan de 100 waar we het over hadden tijdens de boardmeeting. Mijn slot luidt; ‘Team Ex’pression feels very good about 2004! Happy 2004’. Meer doe ik niet vandaag, de jaarwisseling vieren we vanavond bij de Platts, hetgeen goed is omdat ik bang ben dat wanneer Gary en ik niet als één team opereren, we het wel kunnen vergeten. Niet zozeer vanwege de samenstelling van ons board, maar met name wegens de persoon die geacht wordt ons te leiden; de Belg.

Volgende week: een nieuw jaar, nieuwe kansen. Helaas, niet met deze mensen, er is praktisch gelijk weer trammelant.