“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 136

Of het ooit nog ‘business as usual’ wordt is de vraag. De sfeer wordt grimmig.

Gary en ik begrijpen als geen ander wat het betekent om een ‘celebrity’ als George Takei, Mr. Sulu in de beroemde Star Trek TV series en films, in huis te hebben. Dan gaan we PR-matig gewillig op de foto.

Tussen George Takei en Gary kwam ik er met mijn grimlach bekaaid vanaf. Er zat niet meer in, maar het haalde de pers. ‘Business as usual’ zo lijkt het vrijdag de 24e wanneer klas 42 binnenkomt. Grappig, een reguliere school had daar 42 jaar over gedaan! Wij zijn pas in ons 6e jaar. Over snelkoker gesproken. Gary en ik werken het professioneel en zakelijk af, zonder het enthousiasme en plezier van weleer. De ‘newbies’ merken er niets van. ’s Middags zit ik aan bij de lunchbijeenkomst van de ‘admission reps’, puur om er voor zorg te dragen dat de sfeer ongedwongen blijft met Gary aan tafel. Krankzinnig; de CEO als babysitter. Gedurende het weekend wil ik even niet aan Ex’pression denken. In alle vroegte, acht uur, ben ik scheidsrechter bij de wedstrijd van Ivar, waarvoor ik me terwijl het nog donker is in tenue steek.

Daarna spoed ik me met Bo-Peter en Kaj naar American Canyon, 38 kilometer naar het noorden, voor hun middag uitwedstrijd, waar ik nog inval als grensrechter. Wat wel opvalt is dat de ouders zich civiel gedragen, niet van het ‘schoffel ‘m onderuit’, zoals ik diverse malen in Nederland mocht ervaren. Je kunt oproerkraaiers als scheidsrechter zelfs van het veld verbannen. Wat een weelde. Het is alweer zowat donker wanneer we thuis aanbelanden, en ik voel me behoorlijk geradbraakt wanneer ik op de sofa plof. Astrid ziet het meewarig aan, maar verblijdt me wel met een koel glas chardonnay; ‘manna from heaven’. Wanneer maandag aanbreekt, voel ik me echt zo fris als een hoentje; ik kan de hele wereld weer aan! Wanneer dan bij de eerste e-mail de naam van de Belg oppopt, dreigt je humeur alweer om te slaan. Maar nee, Frank verzoekt me heel vriendelijk een ontmoeting met onze accreditatie ‘lawyer’ Stan Freeman te regelen omdat hij vandaag voor andere zaken in Washington is. Het is kort dag, maar ik krijg het geregeld, hij ontmoet Frank vanmiddag in de lobby van het Fairmont hotel. Nou ben ik benieuwd of ik nog een terugkoppeling krijg. En verdomd, dinsdagmorgen ligt er een opbeurende e-mail van Frank waarbij hij z’n enthousiasme uitspreekt voor het werk van Stan Freeman, en sterker nog; zijn vertrouwen dat hij erin zal slagen om ons geaccrediteerd te krijgen. Nu is hij onderweg naar New York om verder te onderhandelen met Harris Nesbitt over de financiering van Ex’pression, en dan volgt er een boodschappenlijstje aan ‘to do’ voor het Ex’pression management. Tevens wil hij het onderhanden zijnde Digital Film programma nu reeds als onderdeel van ons curriculum aanmerken. “Dat is gevaarlijk,” mompel ik, “dat gaan we in deze fase nog niet doen.” Maar goed, we hebben nog tijd zat voor de december boardmeeting. Welnu, denk je dat het even rustig en positief is, bombardeert Bram ons met een barrage aan vragen. Per kerende mail wordt een en ander beantwoord; ‘we’re on a roll’. Hoe de hoge heren samenwerken weet ik niet, maar nu krijg ik in het Nederlands een uitvoerige e-mail van Frank, zonder andere geadresseerden. Hoewel die natuurlijk blind gekopieerd kunnen zijn. Helaas, elke handeling roept vragen of argwaan op. Zo vriendelijk, suikerzoet bijna, met een beleefd verzoek om gesprekken die door ons gevoerd zijn met investeerders en banken te organiseren en te her-activeren. En, wellicht is dit het aas voor mij, of ik de kostprijs wil bepalen voor een Ex’pression vestiging aan de oostkust, gebaseerd op de kosten die we voor het huidige Ex’pression gemaakt hebben. Ik probeer uit alle macht de opwinding die in me opborrelt te bedwingen, het kan alleen maar teleurstelling teweeg brengen. Er volgen nog wat meer gedetailleerde e-mails, waarin Eckart, Bram en Jan-Ru nu wel in gekopieerd zijn. Waar komt dit plotselinge vertrouwen in mij vandaan, vraag ik me af. Ik bespreek dit met Eckart vertrouweling Birgitta van Loon, die Ex’pression met een bezoek vereert. Na alle perikelen aangehoord te hebben, geeft ze aan dat er een vertrouwelijk gesprek met Eckart dient te komen, zonder Bram of Frank. Na mijn non verbale schouderophalen tracht ze me te overtuigen dat een verzoek van haar aan Eckart gehonoreerd wordt. “Okay,” mompel ik, “baat het niet, dan schaadt het niet.” Het lijkt rustig met Birgitta bij Ex’pression, er worden afspraken met elkaar gemaakt hoe met elkaar om te gaan en de graduation ceremony van klas 29 verrukt Birgitta. ‘Ex’pression at its finest’.

Birgitta naast Arne Frager, owner The Plant Studios

In die sfeer vertrekt ze met een ongetwijfeld positieve boodschap voor Eckart. De kerosine luchten zijn nog niet verdampt of Dean of Students Chris Coan stuurt me een furieuze e-mail over het gedrag van Gary in de Education Department meeting. Tegen alle afspraken in nam hij de door Chris voorgezeten vergadering over, ondermijnde zijn positie, beledigde hem en intimideerde alle aanwezigen met zijn bravoure als president. Chris beschrijft de angst die zijn mensen voor Gary hebben en besluit met de mededeling dat hij vanaf heden alle aanvaringen met Gary strak documenteert. Jezus, we hebben vorige week nog afgesproken dat alle top management leden ieders vergadering bij kunnen wonen, maar uitsluitend als toehoorder. Gary kan het niet laten, en ik ben de enige die hem kan stoppen. Misschien een mooi moment nu de sfeer rondom mij vanuit de hoge heren zo vriendelijk is. Klaarblijkelijk is de boodschap van Birgitta bij Eckart goed gevallen omdat hij met me wil spreken, nadat hij met Gary gesproken heeft. Een uitstekend moment om open en bloot de situatie te schetsen, omdat we op een ‘make or break’ moment aanbeland zijn. Dit kan zo niet doorgaan!

Volgende week: Eckart komt met een ontluisterende onthulling. Weer een serieuze klacht die je bloed doet koken. De kruik staat op barsten.