Wie schrijft………

Kan wel eens klapjes krijgen. Niet fysiek natuurlijk, hoewel dat ook niet meer zeker is, maar gelukkig veelal in het geschreven woord. Ik schrijf al vele tientallen jaren, geef hier en daar mijn mening en moet zeggen dat ik er in het algemeen goed afkom. Begin 1987 begon ik columns te schrijven voor het computer weekblad AG (de Automatisering Gids), waarbij ik puntige verhalen schreef over de toenmalige computerheersers. Laanens Luim werd een goed gelezen wekelijkse rubriek. Echter, toen ik mijn opvolger bij Multi Function Computers (MF) op de hak nam, reageerde diens zwager als volgt met een ingezonden stuk: ‘ik word zo down van die clown’. En daarnaast meende hij me uit te moeten schelden voor ‘multispouse’, terwijl ik net in het huwelijk was getreden met Astrid. Dat vond ik echt natrappen. M’n zoon Rick, die destijds bij MF werkte, werd ervoor aangezien de betreffende editie op het bureau gelegd te hebben van mijn opvolger. De tekening van broer Rob in mijn november 1988 uitgegeven boekje Geheel Exclusief Laanens Unieke Luimen (GELUL) gaf dat goed weer:

Achter Rick doemde de imposante gestalte van mijn opvolger op wiens idee over papa Laanens nabije toekomst boekdelen sprak. Overigens kwam het boekje tot stand nadat de hoofdredacteur van AG in mijn columns begon te schrappen om adverteerders te sparen. Daar blijf je dus met je poten vanaf! Vandaar ‘GELUL’. Waar het om gaat is dat wanneer mensen reageren je mag stellen dat het leeft. Dus toen ik een kleine twee jaar geleden van m’n voormalige ‘partner in crime’ bij Ex’pression College een vernietigend ‘you were nobody without me’ kreeg, vatte ik dat op als een compliment. De andere lezers zien dan dat de karakters die ik beschrijf leven. Dat hij me daarna ook nog een hele lelijke e-mail stuurde, was wat minder. Overigens stopte dat onmiddellijk nadat ik een e-mail van zijn hand retourneerde waarbij hij de pijp (meerdere malen) aan Maarten gaf. Wie wat bewaart….. Dat ik vorige week na mijn stuk over Singh en Dekker een ‘zure verliezer’ genoemd werd, deed me niet zoveel. Uiteindelijk strijden we om Singh nog een paar laatste comfortabele jaren te bezorgen, en dat doel heiligt de middelen. Het voorafgaande kwam eigenlijk tot stand omdat plotseling het woord ‘onvoorwaardelijk’ in m’n hoofd schoot terwijl ik afgelopen week dit plaatje schoot:

Elke dag, nadat ik in alle ‘vroegte’ nagegaan heb wat ik van waaruit in de wereld dan ook iets te beantwoorden heb, fris ik me tussen 10 en 11 op, waarna Tinley stipt om 11 uur bovenaan de trap staat. Dus ook dit keer, maar ik zag in de spiegel op mijn weg naar boven dat de snor enigszins over de bovenlip uitstak. Even fatsoeneren dus. Dat was dus het moment dat Tinley er niet over nadacht om weg te gaan, maar dat ze er geduldig bij ging liggen. Prachtig. Onvoorwaardelijke trouw, onvoorwaardelijke liefde. Alleen kritiek wanneer haar etensbak leeg is. Terecht dus. De zon is zowaar ook gaan schijnen, dus dat wordt een heerlijk weekend met vooruitzicht op nog meer versoepelingen. Geniet!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 112

Judy Hamilton krijgt een gepast antwoord. De Belg geeft nog steeds niet het groene licht voor onze contracten en houdt ook Quad Ventures aan het lijntje.

Na m’n tweede mok sterke koffie voel ik dat de tijd rijp is om een ‘Hamilton’ schrijven te concipiëren dat zowel de geit als de kool spaart. In m’n ‘dear Judy’ e-mail leg ik uit dat onze meetings zeer compact zijn en vol met schooljargon. Om de snelheid niet te vertragen, vooral op maandag, lijkt het me beter dat ze niet bij onze ‘small MT meeting’ aan komt zitten. Uiteraard stellen we onze notulen ter beschikking en ben ik bereid alle vragen daaromtrent te beantwoorden. Fijntjes voeg ik eraan toe dat we graag nog sneller zouden willen gaan, en dat het ook mogelijk is zonder al het micro management gedoe vanuit Nederland en België. Ik had bijna geschreven zonder al dat mierengeneuk, maar ik denk niet dat ze die uitdrukking beheerst. Zoetjes besluit ik met m’n respect voor haar te uiten en tegelijkertijd spreek ik de wens uit dat ze begrijpt waar ik vandaan kom. ‘Send’. Aannemend dat ze een en ander wel met Frank zal bespreken, wacht ik in alle rust haar response af. Vrijdag, met een lekker weekend voor de boeg, besluit ik onze Belgische ‘vriend’ weer eens erop te wijzen dat alles weer eens tijdmatig uit de klauwen loopt, tenzij we het eens zijn. Dus, wanneer ik komende maandag niets vernomen heb, dan neem ik aan dat we het eens zijn.

Nou, zowat per kerende ‘post’ komt Franks response. Natuurlijk weer met allerlei, hem van pas komende onjuiste informatie, Eckart, Bram en Jan-Ru lezen immers mee. In een barrage van antwoorden corrigeer ik hem. Ik begin maar gelijk pittig met ‘laat me jouw geheugen corrigeren’. ‘Nee’, reageert Frank in eerste instantie, ‘alle commentaren waren pas bij ons binnen per 1 juli’. Ik informeer hem, en de anderen, over de dagen die hij voorbij heeft laten gaan zonder te reageren, en dat de tijdlimiet ook te maken heeft met belastingnadeel voor ons. Over Franks mening dat de versies van 15 mei in hun ogen de finale versies waren, kan ik alleen nog maar wijzen op de expliciete fouten die onze ‘lawyer’ gevonden en gecorrigeerd heeft. In z’n slotzin belooft Frank ‘quite soon’ te reageren. Na het voorbij trekken van zoveel jaar kan ik het niet nalaten om hem sarcastisch te vragen of hij ons kan informeren wat ‘quite soon’ voor hem betekent. Inmiddels gooit Gary wat olie op het vuur door te vragen wat de status is met betrekking tot Quad Ventures, en dat wij, als ‘senior management’, recht hebben om geïnformeerd te worden. Ook daar reageert Frank op alsof hij op z’n staart getrapt wordt. Na wat ingewikkelde formules gespuid te hebben, komt hij met het te verwachten antwoord aan. Quad Ventures stopte de onderhandelingen nadat in Las Vegas de extra $6 miljoen aan te verkopen aandelen op de tafel kwam. Daarnaast, mochten ze het toch doen, eisten ze 56% van de aandelen. Welnu, dat was einde oefening met Quad Ventures, en nu waren ze koortsig aan het zoeken naar alternatieven. “See Gary,” zeg ik, “as foreseen, the six million Ex’tent wanted for themselves demonstrated weakness.” Gary knikt en voegt eraan toe, “in the meantime we don’t get our badly needed four million.” En zo is het maar net, wij zijn weer de klos. Frank schrijft ook nog dat hij in Gdansk Judy ontmoet heeft om met haar te bespreken wat voor presentatiemateriaal en documentatie benodigd is voor potentiële investeerders. Daar komt die gluiperd nu mee! “Why the fuck in Poland,” vraagt Gary aan niemand in het bijzonder. We besluiten om de ‘vijand’ aan de borst te houden en nodigen Judy uit voor de ‘Operational’ Boardmeeting, aanstaande maandag om 9 uur. Veilige meeting, waarbij alle blokhoofden verslag doen van activiteiten binnen hun stukje Ex’pression. Een bijeenkomst die niet langer duurt dan een uur omdat iedereen daarna ingeroosterd is. Zaterdagmorgen stap ik tevreden van de weegschaal af: 90,1 kilo, schoon aan de haak. BMI is gezakt naar 27,81. Het regime van de afgelopen weken heeft resultaat opgeleverd, en ook de vele malen dat ik likkebaardend naar lekkere hapjes keek die aan me voorbij gingen. Nu eerst een sterke mok koffie, waarna ik aanval op wederom een uitgebreide e-mail van Frank. Dit naar aanleiding van een puntige e-mail van Gary die erop wijst dat hij uit alle eerdere informatie distilleert dat de geplande uitbreiding niet doorgaat. Sterker nog, dat we in het laatste kwartaal 2003 moeten stoppen met het innemen van studenten wegens ruimtegebrek. Frank geeft Gary ten dele gelijk, betoogt dat het investeringsklimaat voor ons soort onderwijs zeer gunstig is, en dat Judy Hamilton ter ondersteuning van het grootste belang is. En nu, de grote verrassing, wanneer de cijfers uitkomen als begroot, dan kan Frank teruggaan naar Quad Ventures om alsnog de deal over de streep te trekken. ‘Alsof wij degenen waren die $6 miljoen extra gevraagd hebben’, mompel ik. “In jezelf aan het praten, Mr. CEO,” hoor ik achter me. “Vergeet even die e-mail bagger en concentreer je op het ‘neighborhood’ diner laat op de middag,” dringt Astrid aan. “Ook leuk voor de jongens,” voegt ze er nog toe, hetgeen ik schuldbewust aanvaard. Uitgesteld ‘4th of July’ diner, met veel leuke mensen in de open lucht, bij een heerlijke temperatuur. Even het kompas verzetten, ‘family time’. Voordat je het weet hobbel je weer maandagmorgen naar Ex’pression, met een heerlijk weekend op zak. Om negen uur neemt Judy Hamilton plaats bij de ‘operational’ boardmeeting. De blokhoofden ratelen hun activiteitenlijstje af, zeer bewust van de aanwezigheid van Judy, die driftig aantekeningen maakt. Je merkt dat bij iedereen de handrem erop zit, de spontaniteit is verdwenen. Iedereen voelt als het ware dat ‘big brother’ (sister?) zich in de meeting gewrongen heeft. Maar, zoals gezegd, stipt om tien uur gaat iedereen opgelucht het vertrek uit om zich aan zijn of haar taken te kwijten. Daar waar ze voor aangenomen zijn. Judy heeft een afspraak met CFO Espi Sanjana en vertrekt met stille trom. Later op de dag meldt Espi, in z’n typische Anglo/Indian dialect, dat Judy ‘a pain in the butt is’, en duidelijk aangestuurd door Frank. Tevens meldt hij me dat hij problemen heeft met het ‘stock option plan’ dat hij eind mei van Frank ontving. “Join the gang,” lach ik sarcastisch. Espi kijkt me niet begrijpend aan, waarna ik hem wat aantekeningen dienaangaande laat zien. Hij slaat bijna achterover wanneer hij verneemt dat Gary bijna een vijfjarig jubileum kan vieren zonder overeenkomsten. “Espi, let’s solve this as a unit,” neem ik afscheid van hem, met een klopje op z’n schouder.

Hoog overleg tussen Espi Sanjana (staand) en Chris Coan.

Er volgt nog een conference call met Washington ‘lawyers’ Sherry Gray en Stan Freeman, die ten overvloede benadrukken dat de meeting op 27 augustus ‘our chance in a lifetime’ is om accreditatie mogelijk te maken. Ze zijn een brief aan het concipiëren die het voor mij mogelijk maakt onder alle omstandigheden hieraan deel te nemen, zeker ook omdat ik de woordvoerder ben. Het heeft nog allemaal te maken met de nasleep van 9/11. Incognito airmarshalls en ’no fly’ buitenlanderlijsten maken hier ook onderdeel van uit.

Volgende week: ‘war of words’ tussen Gary en Eckart vlak voor de alles beheersende accreditatie beroepsbehandeling in Washington, D.C.

Wegens enorm succes geprolongeerd!

Ondanks het weer was het eigenlijk een goede week; op de maandag na. Ofschoon verwacht, voelde de afwijzing van de eis van het kort geding dat Jaitsen Singh via z’n (gesponsorde) advocaten had aangespannen, als een stomp in m’n maag. Waarom? Omdat het ronduit zei ‘sterf maar in de gevangenis’. Ik heb het vonnis bestudeerd en ik moet zeggen een mooier voorbeeld van ‘copy, paste’ ziet men zelden. Alle loze argumenten van de afgelopen jaren bijeen geveegd in een lang document. En die landsadvocaat, pion van minister Dekker, bracht ze allemaal als voldongen feiten. En die rechter dacht ‘dat zit juridisch lekker in elkaar, daar kan ik me qua afwijzing geen buil aan vallen’. Vandaar nu uitleg wat ik in m’n hoofd had toen ik in de vorige Luim minister Dekker vier letters meegaf:

Ik had de deun ‘YMCA’ van de Village People in gedachten, zij het met een ietwat gewijzigde tekst. Toen dacht ik nog, dat kan eigenlijk niet, maar nu, met een wegkwijnende Jaitsen in m’n hoofd, denk ik; “fuck it”. Hier kom-tie (hou de melodie in gedachten): “Fuck You, Minister Dekker, it’s you, I said, Fuck You Minister Dekker, boo you”. Yes, dat lucht op. Tot op zekere hoogte, Singh is er niet mee geholpen. Maar er is een god! Dinsdag rond het middaguur meldden twee trouwe volgers (dank Gineke en Frieda) dat de kwestie Singh behandeld werd op NPO1. Ik snelde me naar de TV, en jawel, daar werd tweede kamerlid Michiel van Nispen geïnterviewd inzake het kort geding. Heel verstandig zei hij zich niet in de juridische problematiek te willen begeven, maar wel benadrukte hij dat de menselijke maat volledig uit het oog verloren is. Echter, minister Dekker was nog niet van hem af, wederom zouden er kamervragen gesteld worden. Mag ook wel na zijn motie van juni vorig jaar, waar minister Dekker zijn kont mee heeft afgeveegd! In ieder geval gloort er weer hoop. Woensdag kopte de Volkskrant als volgt:

Jeetje, nu wordt het de ombudsman ook teveel! Overigens dezelfde ombudsman die ruim vier jaar geleden in de ‘copy en paste’ activiteiten van BuZa en V&J trapte en mijn klacht inzake Singh ongegrond verklaarde, na het eerst in behandeling te hebben genomen. Waarschijnlijk heeft de ombudsman na al die jaren ook het licht gezien! Nadat Astrid als eerste Singh bezocht, maart 2015, en vervolgens mij introduceerde (in San Quentin), zijn er zoveel misstanden aan het licht gekomen dat het onbegrijpelijk is dat die hotemetoten niet eens een keer hun verantwoordelijkheid nemen. Denk menselijke maat, check of je nog wel een hart hebt. Zo niet, dan stop ik levenslang de volgende deun in het hoofd van minister Dekker: “Singh, c’est la vie”. Afgelopen dinsdag was het exact vijf jaar geleden dat ik terugkeerde naar de lage landen, en dat bevalt me zeer. Nu met behulp van anderen nog wat losse eindjes aaneenknopen. Zeker is dat we Singh in een kist niet als einde van deze saga zien. Fijne Pinksteren.

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 111

Opgedrongen boardmember Judy Hamilton stuurt een e-mail dat ze eraan komt. Nog steeds gekibbel over de afronding van onze contracten.

Even over half vijf komen we in Oakland aan, waarna ik Gary naar huis breng. In de auto spreken we nog even de komende week door. Niet alleen wordt het een drukke week qua bezoekers, maar ook vieren we donderdag mijn verjaardag en daags erna viert Amerika op grote schaal haar onafhankelijkheidsdag, uitgeroepen in 1776, oftewel ‘4th of July’. Mooi ook om onze gasten te entertainen omdat het onder andere met parades uitbundig gevierd wordt. Gary neemt het op zich om belangrijke gast Birgitta van Loon met haar familie dinsdag een VIP Ex’pression toer te geven, terwijl ik ze zal onthalen op speciale viering van ‘4th of July’ in het authentieke plaatsje Clayton, zowat bij ons om de hoek. Bij Gary’s huis in Walnut Creek aangekomen, geeft hij me een ‘hug’, mompelt nog wat ontkennends over Kelly, en verdwijnt in z’n grote tuin. Ik spoed me naar huis voor het afscheidsdiner met broer Rob en schoonzus Mariette. 3 juli 2003; ik word vroeg wakker op m’n 57e verjaardag. In ons huis is iedereen nog in volle slaap, inclusief gasten Yvon en Martin Corsten. In de keuken zet ik een zeer benodigd kopje koffie, waarna ik aan de rand van het zwembad afwacht tot de stroopwafel op het randje van m’n mok lekker zompig wordt. Het belooft een geweldige dag te worden qua temperatuur. Voor de vijfde keer vier ik mijn verjaardag als CEO van Ex’pression en ondanks alle hindernissen hebben we toch maar een prachtige school opgebouwd, mijmer ik. Mocht ons beroep inzake afwijzing accreditatie 27 augustus in Washington positief beoordeeld worden, dan is ons kostje gekocht. Ook ben ik ervan overtuigd dat Birgitta, na een inspirerende Ex’pression toer met Gary, een zeer positief rapport aan Eckart heeft uitgebracht. M’n rooskleurige gedachten worden ruw onderbroken door een tweetal lichamen die langs me flitsen en onder het gejoel van ‘cannonball’ met een enorme plons in het zwembad verdwijnen. Twee natte koppies komen boven water en zingen “happy birthday to you, cha, cha, cha,” waarna Bo-Peter en Kaj me een kletsnatte verjaardag ‘hug’ geven. De dag is begonnen, en iedereen is inmiddels wakker. Lekker opgefrist, genieten van een gezamenlijk ontbijt, en me vervolgens op weg begeven voor een paar uur Ex’pression, wetend dat Astrid de organisatie op zich genomen heeft voor een lekker feessie vanavond. Bij Ex’pression aangekomen, bleek het moeilijk om m’n bureaustoel te vinden, zo feestelijk hadden ze m’n kantoor versierd.

Het voelt aan als een warm bad. Helaas wordt dat gevoel teniet gedaan wanneer blijkt dat de vragen en wijzigingen met betrekking tot onze arbeidsovereenkomsten, die we drie weken geleden ingediend hebben, nog steeds onbeantwoord zijn. Gary werkt per 1 augustus precies vijf jaar zonder. Belachelijk. Ook over de voortgang met Quad Ventures inzake de zo broodnodige financiering wordt met geen woord gerept. Zorgwekkend. Ik besluit om me daar volgende week over te bekommeren en vertrek naar huis, halverwege de middag. Over problemen gesproken; wanneer ik zo het nieuws beluister op KCBS, schijnt de ‘recall’ van gouverneur Gray Davis op volle stoom te komen. Dat is nog nimmer in Californië gebeurd, een gouverneur die binnen z’n ambtstermijn tracht af te zetten via de stembus. Een democraat nog wel. En z’n beoogde opvolger zou filmster en republikein Arnold Schwarzenegger zijn! De wereld op z’n kop. In oktober wordt er gestemd, ik ben reuze benieuwd. Hoewel ik democratisch voel, kan Davis me niet bekoren. Twijfelkont. Maar of macho man Schwarzenegger de oplossing is, mag zeer betwijfeld worden. De opkomst aan de stembus van de jeugd, die het veelal af laat weten, geeft wellicht de doorslag. Thuis aangekomen is de tuin al volledig versierd en gaan we genieten van een pre party borrel. Martin en Yvon gloeien van trots wanneer ze het hebben over hun beroemde zoon Ferry Corsten, de internationaal beroemde DJ. De jongens vinden het ook allemaal machtig interessant. Voordat we het weten staan de eerste gasten aan de poort. Het is Birgitta van Loon met haar familie, die een huiswisseling hebben gedaan met bevriende buren van ons. De toer van Gary heeft z’n doel bereikt, Birgitta is vol van alles wat te maken heeft met Ex’pression instructeurs, studenten en de inrichting. Daarnaast draagt ze een aantal prima suggesties aan. Suggesties die volgens de net gearriveerde Gary ‘heaps of dollars’ gaan kosten. “Never mind Gary,” grap ik, “Frank will take care of it.” Het feest is begonnen!

Ik zou echt niet weten wanneer de laatste vertrokken is, maar het was wel laat, of vroeg? In ieder geval riep hij of zij nog “Happy 4th of July”. Weinig uren later, in mijn beleving, ben ik bezig de tuin te ontdoen van lege flessen, omvergevallen glazen en bordjes met etensresten. Het tempo is laag, maar het vordert gestaag. Dan wordt het tijd om de troepen te verzamelen en ons naar Clayton te verplaatsen. Met twee auto’s begeven we ons op pad, die we nog net ergens in de drukte kunnen parkeren, waarna we ons vergasten aan het optocht spektakel.

V.l.n.r. Peter, Martin en Harry. Inzet Birgitta en Astrid

Het hele circus trekt aan ons voorbij; de Clayton firefighters, de boyscouts, de lokale baseball league, de army veterans, de oldtimers, en nog veel meer. En dat alles in een tempo dat verraadt dat het nog vele uren gaat duren. Maar daar heb ik het volgende op gevonden; schuin aan de overkant is Ed’s Mudville Grill gevestigd, en die hebben alles voor de dorstige kelen. Dat is niet aan dovemans oren voorgesteld, binnen no time zitten we daar binnen, heerlijk in de schaduw. Het weekend vliegt voorbij. Maandagmorgen, gezeten aan m’n bureau, met nog wat confetti hier en daar, bedenk ik me dat met onze zesde golfles, vervolgens met de gasten naar de A’s game en BBQ bij Birgitta en familie, het weekend zeer goed besteed was, met name ook voor onze gasten. En nu weer aan de bak. Allereerst, wederom, met de voorbereiding van ons accreditatie beroep. Onze ‘lawyers’ Stan en Sherry overhoren ons genadeloos, ons voorhoudend dat wanneer dit niet goed uitpakt, we het voorlopig kunnen schudden. Dinsdagmiddag nemen we dit door met de verantwoordelijke stafmensen, nee, peperen we het in. ‘No time for mercy’! Ze begrijpen het, de toekomst staat op het spel. In de loop van de avond krijg ik een e-mail van opgedrongen boardmember Judy Hamilton, beginnend met ‘greetings from Gdanzk’. Ze had daar onder andere een bijeenkomst met Frank Monstrey en in het kader van fundraising leek het hun goed dat ze onze managementteam meeting van komende maandag bij komt wonen. Daggut niet, is het eerst wat in me opkomt. Wat doet ze trouwens met die maffe Belg in Gdansk? Maar, niet gelijk van de heup schieten, even ademhalen, en morgen pas reageren.

Volgende week: Judy Hamilton krijgt een gepast antwoord. De Belg geeft nog steeds niet het groene licht voor onze contracten en houdt ook Quad Ventures aan het lijntje.

FYMD

Afgelopen week werd m’n oog getroffen door onderstaand bericht op teletekst:

Je begrijpt dat m’n bloed begon te koken. ‘Hij kon niets anders’, schrijft het zeurtje. Deze massamoordenaars krijgen gratie van minister Dekker; dezelfde minister die weigert om een motie van de tweede kamer uit te voeren om Jaitsen Singh na 37 jaar gevangenschap terug te halen uit Amerika! Maandag volgt de uitspraak naar aanleiding van het kort geding tegen de Nederlandse staat, met als inzet het terugbrengen van Singh naar Nederland. Helaas, ik heb weinig vertrouwen in de uitspraak, de dames en heren van Justitie en Veiligheid, alsmede Buitenlandse Zaken, dekken elkaar goed af (niets nieuws onder de zon). Mocht het toevalligerwijs goed uitpakken, dan heeft Dekker er niets mee van doen, integendeel! Mijn gevoelens voor minister Dekker verwoord ik in vier letters:

Maak ervan wat je het beste uitkomt, mijn sympathie voor deze bewindvoerder is tot onder het vriespunt gedaald. Blijf gezond, blijf prikken (ontvangen) en hopelijk volgende week positiever nieuws.

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 110

Las Vegas conference, opgeluisterd door bijeenkomsten met afgevaardigden van Quad Ventures en onze accreditatie ‘lawyers’. Ongewenst boardmember Judy Hamilton tracht zich in de management bijeenkomsten te manoeuvreren.

Het interview met de Oakland Tribune, samen met Gary, werd weer een professioneel hoogstandje. Dat wordt weer een lovend artikel. De conference call met Frank Monstrey, die daarop volgt, brengt weer het nodige chagrijn teweeg. Hij bereidt me voor op de meeting met Quad Ventures komende donderdag in Las Vegas. Klaarblijkelijk heeft inhaligheid zich van hem meester gemaakt. Aan de oorspronkelijk gevraagde $4 miljoen voor kapitaalsuitbreiding heeft hij $6 miljoen toegevoegd, zodat Quad nu met $10 miljoen op de proppen moet komen. Die $6 miljoen is voor de verkoop van Ex’pression aandelen aan Quad, en komen volledig ten goede aan de eigenaar; Ex’tent dus. Donkere wolken pakken zich samen in mijn hoofd bij snelle analyse van deze propositie. Niet alleen blijven Gary en ik buiten deze deal, die ons op voorhand al een behoorlijke zakcent gebracht zou hebben, maar erger, het wijkt volledig af van de tot nu toe gevoerde onderhandelingen. Frank verkoopt dit voorstel onder het mom dat Quad dan een aanzienlijk percentage van Ex’pression zal bezitten, namelijk 35%, hetgeen volgens hem Quad behoorlijk ‘horny’ zou moeten maken. Ik geloof er niets van. Gary bromt alleen in zichzelf hoeveel tonnen hij zou mislopen en stoot er een hartgrondig “greedy fucking bastards” uit. Aangezien we er voor het moment niets aan kunnen veranderen, nemen we donderdagmorgen 7 uur Southwest 1373 om na een perfecte vlucht om 8.25 in Las Vegas te landen, praktisch parallel aan de beroemde strip. Overigens lokt de strip meer dan de ‘boring’ conferentie die we bij gaan wonen. Tussen het getingel van gokmachines door banen we ons een weg naar het busje van hotel Caesars Palace, waar een en ander plaatsvindt. Binnen een kwartier zijn we ter plekke, en als altijd blijft het front imponerend.

We checken in, laten onze ‘traveling light’ bagage achter, en geven ons over aan de sprekers van de ‘ career colleges’ dag. Aan het eind van de middag wrijven we de slaap uit onze ogen en begeven ons naar één van de zithoeken in de lobby. Daar wachten onze Washington ‘lawyers’, Sherry Gray en Stan Freeman, voor een voorbereidend gesprek over ons beroep betreffende de afwijzing van onze accreditatie. Ze benadrukken dat het merendeel van de beroepszaken afgewezen worden, dus dat we ons terdege moeten voorbereiden. Voorts, tot Gary’s teleurstelling, dat met name de CEO het woord moet voeren, als hoogste in rang. Dit uit respect voor het panel dat onze zaak gaat beoordelen. Vanwege ‘air restrictions’ die al dan niet in de luchtvaart plaats kunnen vinden na 9/11, zullen ze speciaal voor mij, als buitenlander, een vrijbrief vervaardigen. Dit om te voorkomen dat ik ongelukkigerwijs door een incognito aanwezige ‘air marshal’ eruit gepikt wordt wanneer ze me Nederlands horen praten. Hoewel dat in gezelschap van Gary niet aannemelijk is, breng ik er luchtigjes uit. Te midden van het gelach merk ik op, “the five is in the clock”, en wenk de ober. Of iedereen erop gewacht heeft! De bestelde drankjes worden gretig naar binnen geslagen. ‘What happens in Vegas…….’. Sherry begint al met verdere voorbereiding; “so, if you don’t exactly know the answer, let them repeat the question so you can make up your mind what to say,” schiet ze op me af. Ik weet het, ik weet het, gaat het door m’n hoofd. “If you really don’t know, say I can’t recall,”vervolgt ze ijzerenheinig. Ik steek m’n hand op, we moeten ons klaarmaken voor de volgende meeting. Let’s rehearse when we’re in Washington, or perhaps tomorrow, then we’ll skip part of the conference.” Het laatste wordt besloten. Morgen slaan we een deel van de conferentie over en gaan we verder met vragen die we kunnen verwachten, en hoe te reageren. We nemen warm afscheid van elkaar en bewegen ons naar een andere zithoek om daar overleg te plegen met Daniel Neuwirth, mede oprichter van Quad Ventures, alvorens Frank Monstrey arriveert. Daniel heeft bij Ex’pression een toer gedaan, raakte zeer geïnteresseerd, waarna we hem aan Frank hebben voorgesteld. Eigenlijk wilden we een en ander met hem voorbespreken over de gewijzigde condities, inclusief onze mening. Maar het is of de Belg het geroken heeft, we zijn net begonnen met wat inleidende ‘social talk’ wanneer Frank met een lach van oor tot oor zich aankondigt. Breeduit gaat hij zitten en neemt het woord. Zijn ‘spiel’ is begonnen. “Daniel, since Quad would like to acquire a substantial percentage of Expression……” Breedsprakig legt hij Neuwirth zijn plan voor, die overigens geen spier vertrekt. “Crystal clear, Frank,” zegt hij na het betoog van Frank dat ruim een half uur in beslag nam. Hij gaat voort met te melden dat daar natuurlijk garanties tegenover moeten staan. Morgen gaat hij terug naar New York om een ‘draft’ te maken voor een voorstel. Met “see ya guys,” verlaat hij ons, en het is Gary die de stilte na enige minuten doorbreekt. “To be honest, I don’t expect too much,” zegt hij met een zuur gezicht. Frank daarentegen is optimistisch, met name over z’n eigen rol. “They want a higher percentage, that’s what they’ll get, right?” Ons argument dat Quad liever hun geld in de onderneming steekt, en niet in de zakken van één aandeelhouder, wuift hij van tafel. “Guys, don’t worry, I know what I’m doing,” verklaart hij hooghartig. Vervolgens pakt hij z’n paperassen bijeen en meldt ons op z’n hotelkamer te gaan dineren, ook al omdat hij wat zaken te doen heeft die buiten Ex’tent liggen. “Enjoy guys, don’t go to the hookers,” loopt hij met een vette lach weg. Frank is nog binnen gehoorsafstand wanneer Gary uitstoot, “what a bozo!” We besluiten een avondbuffet in het hotel te doen en het nachtleven aan ons voorbij te laten gaan. Daarna toch nog even de hotelbar aangedaan omdat de discussie over de handelswijze van Frank ons meer doet dan gedacht. En daar lopen we Daniel Neuwirth tegen het lijf. Hij laat niet al teveel los, neemt ons niets kwalijk, maar in één ding is hij duidelijk; “ten million dollars is a whole lot of money, either we get more equity or better securities.” Een mooi moment om de pompeuze hotelkamer van Caesars Palace op te zoeken. Veel om over na te denken. De vrijdagvlucht naar Oakland is om vijf over drie, en voor die tijd geeft Sherry Gray ons nog wat tips ter voorbereiding van ons beroep. We checken in bij de conferentie, zodat we daarvoor persoonlijke educatiepunten krijgen, en melden ons om elf uur bij Sherry. “Don’t overdress, don’t underdress,” houdt ze ons voor. Ze haalt een verfomfaaide persfoto van ons uit mid 2002 tevoorschijn als voorbeeld.

“Just smile, don’t laugh like you are amused,” stelt ze serieus, en na nog wat van dat soort gemeenplaatsen geven we er de brui aan. We moeten ons gereed maken voor onze vlucht, en er is genoeg om over na te denken. Gary meldt me in het taxibusje dat Kelly Backens er vandaag niet is vanwege doktersafspraken. “What the fuck, Gary, what is it wrong with the two of you,” vraag ik hem verontwaardigd. Gary zegt met z’n meest onschuldige gezicht dat Kelly nu eenmaal graag via hem communiceert. Ik maak hem duidelijk dat het afgelopen moet zijn, “you’re subject to gossip already,” bijt ik hem nog toe. Gary zwijgt even en gaat vervolgens over op Judy Hamilton, het ons opgedrongen boardmember. Terwijl ik even naar het toilet was, heeft Frank hem als het ware opgedragen Judy toe te laten tot de managementteam meetings. “No fucking way,” is mijn botte antwoord. Eenmaal aan boord valt Gary bijna meteen in slaap en ik denk aan de visite de komende weken; eerst komen morgen jeugdvrienden Martin en Yvon aan, die bij ons verblijven, en zondag Eckarts rechterhand Birgitta met haar familie, die huizenruil hebben gedaan met bevriende buren. Met m’n verjaardag en 4th of July voor de boeg, gaat het alle hens aan dek worden. Astrid ‘to the rescue’. En met die geruststellende gedachte doezel ik weg.

Volgende week: opgedrongen boardmember Judy Hamilton stuurt een e-mail dat ze eraan komt. Nog steeds gekibbel over de afronding van onze contracten.

4 mei 2021 met André van Duin

Heel eerlijk -als geboren en getogen Rotterdammer- André van Duin ontroerde me met z’n toespraak meer dan ik op dat moment wilde toegeven. Stoere man als ik ben. Zelf ben ik ruim 7 maanden vóór Adrianus Marinus Kyvon geboren, die beroemd werd als artiest onder de naam André van Duin. Echter, ik ben geboren als Jacobus Petrus Johannes Laanen, beter bekend als…..eh…..Peter Laanen. Hoewel niet ter zake doende, het vermelden waard. Gedurende de toespraak van Van Duin borrelde toch weer heel wat ‘Rotterdam’ herinneringen boven. Geboorteplek: Van der Poelstraat, waar de tuintjes van het gewone volk grensden aan de tuinen van de patriciërs van de Heemraadssingel. Wegens gebrek aan foto’s in de beginfase van m’n leven, onderstaand een foto van ons gezin, met alle nog levende broers, ter gelegenheid van mijn communie:

V.l.n.r. Ma Jo met Rob op schoot, Hans, Aad, Pa Koos en het heilig boontje

Over boontjes gesproken; 25 dagen na mijn geboorte werd bij de buren mijn jeugdvriend Aat de Boon geboren. Aat is in 2011 tragisch overleden, maar ook onze (Rotterdamse) herinneringen werden weer tot leven gebracht door de foto’s van onze vakanties, en wat van dies meer zij, die zijn zoon Marco me onlangs stuurde.

Een heus zwaardgevecht met linkse Aat. Waarschijnlijk gingen we daarna naar een (dans) instuif waar een stropdas verplicht was.

Van der Poelstraat, ik op de Tomos, Aat op de Puch, en Frank Sinatra zong ‘When I was 17’. Ja, ‘It was a very good year’. Dat waren de betere tijden, gevaar liepen we toen we als kleine pikkies in de ondergelopen kelders van het in aanbouw zijnde ziekenhuis Dijkzigt vlotje gingen varen. Op 11-jarige leeftijd brak ik m’n pols tijdens een potje straatvoetbal, met dank aan Jantje Rotteveel. Bij gebrek aan ouders begeleidde Aat me naar het ziekenhuis. Het kwam allemaal goed. Toen werden we veel te vroeg vader, en maakten er het beste van:

Met eerstgeborenen, Rick links en Marco rechts; vakantie in Blitterswijk.

De rest van ons leven kende ups en downs, maar ik zal Aatje nooit vergeten. Eigenlijk zou ik nog uren herinneringen kunnen ophalen, ook over mijn broers, maar vandaag bleven die foto’s van Marco in m’n bovenkamer ronddolen, en die zij er nu uit! Teweeg gebracht door André van Duin dus. Zoon Rick verwoordde dat van de week als volgt: “wie had ooit 20 jaar geleden gedacht dat Van Duin, o.a. bekend van ‘Willempie’, ‘Grote Bloemkolen’ en meer soortgelijke hits, met zo’n ontroerende toespraak voor de dag zou komen”. Het onderstreept de grootheid van de man. Maar ja, het is dan ook een Rotterdammert! En hopelijk gaat die gruwel van een Baudet ook wat meer nadenken over het woord ‘vrijheid’. IJdele hoop, ben ik bang. Wat geen ijdele hoop bleek te zijn, gisterenavond, waren A) Astrids heerlijke hapjes, B) het goede gezelschap van buren Yvette en Leendert en klapper C) een daverende 3-0 overwinning van Sparta thuis tegen Vitesse. Kers op de taart! Woensdag is het weer zover; aflevering 110 van ‘Uit de Amerikaanse school geklapt’. Lees en huiver! Tot die tijd blijven ‘we’ doorprikken zodat we elkaar weer zonder vrees kunnen omhelzen. Carpe Diem!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 109

Maandag gaat er een e-mail naar Topinka inzake onze beslissing. We prepareren met onze D.C. ‘lawyers’ ons bezwaarschrift inzake de afwijzing van ons accreditatieverzoek. We spelen ‘hard ball’.

Tijdens ons half uur in de auto naar Concord, praten Astrid en ik over ons nieuw te bouwen huis, we surfen heerlijk en opportunistisch op de golf van meerwaarde. We bespreken het risico van instemmen met het voorstel van de Belg, en de geloofwaardigheid van Bram. De troef die we in handen hebben is mijn positie als CEO. Op dit moment zijn onderhandelingen gaande met Quad Ventures inzake kapitaalsuitbreiding en herfinanciering. Uiteindelijk is Quad Ventures door ons aangebracht. Tweede helft augustus word ik in Washington verwacht voor een mondelinge behandeling van ons beroep inzake de afwijzing van onze accreditatie. In beide gevallen ben ik de woordvoerder van Ex’pression, en daarnaast wacht mij later dit jaar het voorzitterschap van de ‘Emeryville Chamber of Commerce’. Terwijl ik dit opdreun zegt Astrid droogjes; “en zondag komen Maarten en Nel aan, maak je daar ook nog wat tijd voor?” Oude buren, goede vrienden. Bij Maartens bedrijf, Schiphol Express, ben ik nog commissaris geweest. Daar kwam ik voor de ongebruikelijke keuze te staan óf commissaris blijven, óf een vriend verliezen. Ik koos voor onze vriendschap. Groot voordeel aan het alcoholfront; Maarten drinkt uitsluitend tonic. Voor wat betreft Nel kunnen we rekenen op een goed glas chardonnay. Gaat een tof bezoek worden met welkome afwisseling. Opgeruimd komen we thuis aan, waar ik Astrid beloof het komende weekend een ‘dear Jim Topinka’ brief te componeren. Vrijdagmorgen steek ik me in m’n ‘graduation’ kleren. Belangrijkste daarbij is de stropdas voor die speciale dag. Een stropdas die een boodschap uitstraalt naar de studenten die afgestudeerd zijn, en veelal niet wilden deugen voor traditionele studierichtingen. Maar ook een boodschap naar Bram toe. Het moet gaan over ‘courage’, ‘don’t let them fuck with you’, en het moet van doen hebben met ons motto ‘make your passion your profession’. Dankzij hun doorzettingsvermogen wacht hen een mooie baan in de entertainment industrie. ‘They kept their eye on the ball’, praat ik in mezelf. Dat is het, met voetbal in opmars in Amerika, geeft mijn KNVB das dat allemaal weer:

“Smash hit,” roep ik uit, en uiterst tevreden ga ik op weg na de slaperige, verbaasde familieleden enthousiast met een ‘happy Friday’ geknuffeld te hebben. Onderweg schakel ik van de ellende van KCBS over de oorlog in Irak over naar KROCK om zingend in de juiste stemming te komen. Wanneer ik bij Ex’pression, via de geluidsstudio’s, naar mijn kantoor loop, geniet ik van studentencommentaren als; “looking good boss” en “wow, you look spiffy”. Ook Gary ziet er voor zijn doen goed uit, en heeft zijn ‘Mother Teresa’ speech weer van stal gehaald. Halverwege de ochtend steekt Bram nog even z’n hoofd om de hoek. “Ga je trouwen, knul,” grijnst hij. Vandaag is alles goed, de fotosessie kan beginnen. De meeste studenten zijn op hun paasbest, of wat daar op moet lijken. Wanneer we Meyer Hall in marcheren, Gary en ik voorop, worden we met een luid applaus onthaald van ouders en geliefden. Na de speeches worden de studenten één voor één op het toneel gehaald om hun diploma in ontvangst te nemen en een dankwoord uit te spreken. Tranen vloeien. De receptie die erop volgt, is voor ons genieten van de lovende woorden die ons ten deel vallen. Bram, druk in gesprek met wat ouders, glas chardonnay in z’n hand, krijgt oogcontact, en geeft me een ‘thumbs up’. Voor even is de wereld roze gekleurd, het weekend kan beginnen. Zaterdagmorgen hebben Astrid en ik golfles op Boundary Oaks, maar balsporten zijn niet echt Astrids ‘ding’, dus loopt ze enigszins mopperend op zichzelf rond. Het werkt toch ontspannend na alle emoties. Inmiddels ben ik begonnen aan mijn schrijven naar Jim Topinka. Ondanks alle argumenten die in ons voordeel spreken, inclusief het broze vertrouwen in Bram, nemen we voor dat we ons sowieso concentreren op het verkrijgen van een ‘green card’, en daarmee onafhankelijkheid creëren. Eigenlijk kauwen we er het hele weekend op, en ook een deel van de maandag. Ik wil Topinka wel duidelijk maken dat ik m’n standpunt van 23 april ingenomen heb na afstemming met hem. Als hij toen gezegd had dat het aanbod best redelijk was, dan hadden we ons die tussentijd kunnen besparen. Daarnaast, om heel eerlijk te zijn, wil je absoluut geen kosten op je hals halen om het juridisch aan te vechten. Ook wanneer je wint, zouden de kosten wel eens hoger kunnen zijn dan de baten. Met een lichte zucht van opluchting verzend ik maandagmiddag de e-mail.

Het kan nu toch slechts een kwestie van dagen zijn om dit meerjarenproject af te ronden. Eén maand later: na veel gekissebis en geharrewar verzoek ik onze Belgische ‘vriend’ de benodigde informatie naar Jim Topinka te sturen, zodat de experts direct met elkaar de zaak af kunnen ronden.

Je zou denken dat dit een redelijk verzoek is, maar nee, Frank reageert pissig. Zo van ‘wat nou Brusselse lawyers’, en vervolgt, ‘ wanneer je de documenten bedoelt die ik je laatst overhandigd heb, lijkt het me handiger wanneer jij ze naar Jim Topinka faxed’. Dan laat hij weten de laatste versie niet op zijn systeem te hebben en dat ze sowieso opgemaakt zijn door White & Case in San Francisco. Hij besluit met een regel die me op voorhand zorgen baart; ‘gebaseerd op de inhoud van de kritiek zullen we bepalen hoeveel kosten wij bereid zijn te dragen’. Dat ruikt ernaar dat ze ook die kosten van hun nalatigheid op ons bordje willen schuiven. Kut Belg. Maar goed, ik fax de documenten naar Jim Topinka met het verzoek om een en ander af te kaarten met de juristen van White & Case. Het is weekend, en we gaan wat gezelligs doen met m’n jongste, lievelingsbroer Rob en vrouw Mariette, die al een week af en aan bij ons logeren. Heerlijke gasten om te hebben, ook omdat ze zo zelfstandig zijn.

Rob en Mariette, in Amerikaans Robertus en Maria!

Sommige gasten, zoals m’n oudere broer Aad en vrouw Nel, denken dat wanneer ze bij ons logeren, wij ook vakantie hebben. Niet dus! Nadat ze een saffie opstaken tijdens het ontbijt van onze jongens, en dat in Californië, heeft Astrid ze vriendelijk doch dringend verzocht om te verschijnen nadat de jongens naar school vertrokken waren. Het heeft geleid tot een boekje met regels op de gastenkamer onder het motto ‘je bent van harte welkom, geniet van je vakantie, maar wij moeten werken’. Uiteraard trekken we ook met elkaar op, af en toe ’s avonds, en veelal in het weekend. Of ik niet genoeg aan m’n kop heb, moet ik dinsdag om acht uur ’s ochtends ook nog voorkomen bij het ‘Superior Court of California’ in Concord. Langzaam door een rood licht gereden met drie ‘motor cops’ in zicht, zoekend waar ik Bo-Peter af moest zetten voor een liefdadigheidsevenement van de boy scouts. Geen verkeer, niets, nada, zilch. Die motormuis was niet te vermurwen, ook niet na mijn “officer, this is charity”. Het enige wat hij zei was, “sign here, please”. En daar sta ik nu, deemoedig te luisteren naar het oordeel van de rechter: $355 boete en een aantekening op m’n rijbewijs. De aantekening wordt verwijderd wanneer ik vóór 10 november een dag verkeersschool met goed gevolg afleg. Mopperend verlaat ik het gerechtsgebouw, denkend aan Astrid die voor hetzelfde vergrijp er met een traan en een waarschuwing vanaf kwam. Dat brengt toch een lach teweeg en geeft me ook weer energie om me op te pompen voor een interview met de Oakland Tribune.

Volgende week: Las Vegas conference, opgeluisterd door bijeenkomsten met afgevaardigden van Quad Ventures en onze accreditatie ‘lawyers’. Ongewenst boardmember Judy Hamilton tracht zich in de management bijeenkomsten te manoeuvreren.