En van je hela, hola……..

Ik ging er dinsdag om 19.00 eens lekker voor zitten: de Rutte/De Jonge show. Je kent de maatregelen al, maar het leuke zit ‘m natuurlijk in de verpakking die ze eraan geven. Dit keer was het thema ‘houdt er de moed maar in’, voorafgegaan door ‘hela, hola’, natuurlijk. Terwijl Rutte vanonder zijn keurig gekapte hoofd zong over ‘aanzuigkracht’, waarbij hij het klaarblijkelijk ook had over de seksindustrie, tolde het in mijn hoofd om een goede naam te verzinnen voor dit duo wanneer ze met hun show het land doortrekken. Wat te denken van ‘De Jonge Rutte’? Ook een goede sponsornaam:

Perfect toch?! Maar niet bruikbaar voor het hele gezin. Gezien de inhoud van hun repertoire zou ‘De Spelbrekers’ ook een goede naam zijn, met de parodiesong ‘Kleine kokette Vaccinca’. Helaas, die waren er al (Eurovisie songfestival 1962). En toen, als een donderslag bij heldere hemel, schoot me een homoniem te binnen. Ze verkopen de verpakking omdat de inhoud als gelekt is, dus gaat ons parmantige duo ‘De Lekkers’ heten. En dat sluit weer aan met de boodschap ‘wie zoet is krijgt lekkers’. Twee goede kanten aan hun verhaal, vind ik tot slot. Allereerst de avondklok. Mijn vader placht in het grijze verleden later op de avond de wekker op te winden en zei dan ‘de visite zal wel naar huis willen’. Duidelijke boodschap. Nu kijk je verschrikt op je horloge en zegt ‘jongens, ik wil niet lullig doen, maar wil je vóór negen thuis zijn….’. Ten tweede zie ik werkgelegenheid ontstaan bij o.a. Lidl en AH voor werkloze acteurs. De Lekkers treden 8 maart weer op; komt dat zien, komt dat zien. Moet ik zeggen dat onderstaand duo me nader aan het hart ligt:

Zoon Kaj is op dit pad (Firefighter/Paramedic) gekomen dankzij z’n moeder, maar wat me er werkelijk toe brengt is de zeer verheugende boodschap dat hij in april een weekje overkomt. Op dat moment hebben we hem, behalve virtueel op sociale media/facetime, etc. een kleine twee jaar geen warme knuffel kunnen geven. En dat gaat schuren. Hij heeft in Californië een mooi leven opgebouwd en gaat ook nog eens in september trouwen. Tijd om nog eens een aantal dagen één op één met de papa en mama door te brengen. We verheugen ons zeer. Toen ik 20 maart 2019 begon te schrijven met mijn saga ‘Uit de Amerikaanse school geklapt’, kon ik niet vermoeden dat ik komende woensdag aflevering 100 zou publiceren. Daarmee sluit ik het jaar 2002 af en moeten de spannendste jaren nog plaatsvinden. Eén van mijn meest kritische (taalnazi) lezers is de gepensioneerde journalist Richard Keijzer. Echter, ook hij kon z’n nieuwsgierigheid niet bedwingen daar waar het om Frank Monstrey alias ‘de Belg’ gaat. Mijn antwoord was ‘Google’ hem. Wat hij vond verraste hem zeer. Meer zeg ik er niet over, behalve dat de Belg klaarblijkelijk zowel het Ex’pression deel als het Wintzen hoofdstuk uit zijn geschiedenis gewist heeft. Zoals gisteren beslist; de avondklok blijft en we weten ook nog waar de klepel hangt. Dus, gebruik je gezonde verstand en blijf daardoor van alle smetten vrij!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 99

De reguliere meetings, inclusief hier en daar een uitval, en de verbijsterende propositie van de headhunter.

Aan de tafel gezeten opent Frank met een zin die me bekend in de oren klinkt: “Peter and Gary, we’re on our way to success, let’s move forward amicably.” Gary en ik wisselen kort een blik uit die cynisch “yeah, right” aangeeft. Heel duidelijk blijkt dat Bram behoorlijk op de Belg ingesproken heeft. Terwijl ik zijn pafferige gezicht bestudeer, komen alle onderwerpen uit mijn ‘yellow note pad’ aan bod, inclusief alle excuses waarom bepaalde acties niet uitgevoerd zijn. De reorganisatie van Eckarts VC fonds Ex’tent is niet bepaald een sinecure en daardoor krijgen de ogenschijnlijk beter draaiende dochters als Ex’pression minder aandacht. Gary slikt even en vraagt vol verbazing wat dat van doen heeft met het niet overboeken van toegezegde gelden. “Well,” begint Frank een lang verhaal, waarin hij toegeeft dat sommige stukken van ons te haastig gelezen zijn en dat daardoor de essentie verloren was gegaan. Zo’n boetekleed verhaal, daar word ik een beetje strontziek van. “But, this afternoon we’ll discuss financials and I will be on top of things.” Om het niet op de spits te drijven, kap ik het af en vraag ik maar weer eens hoe het na vier jaar, “for crying out loud”, met onze arbeidsovereenkomst en stock option agreement zit. “It’s around the corner,” bezweert Frank ons, “believe me.” Bram vindt dat Frank genoeg door het stof is gegaan en komt er tussen, “guys, enough, I’m your witness, it’ll be done within a month.” Lekkere getuige, is m’n eerste gedachte. Bram en Frank trekken zich terug voor lunch, en ik doe hetzelfde met Gary. “For fucks sake,” barst Gary uit, “how many times do we have to listen to promises, promises.” Zwijgend reik ik Gary een e-mail aan van Dave Pauldine, President van The Art Institutes, een keten van gereputeerde scholen, en zeer geïnteresseerd in Ex’pression’s succes. “He will visit us and do a tour, December second,” vermeld ik ten overvloede. Plagerig vraag ik Gary of we dat aan Bram en Frank moeten mededelen. “Hell no, they might be our golden ticket out of this madhouse called Ex’tent,” is zijn onmiddellijke response. De middagsessie met spreadsheet wizzard Georg Langer loopt gesmeerd, zeker ook omdat hij bevestigt dat wij hem de correcte informatie aandragen, hetgeen door Frank ontkend werd; “garbage in, garbage out”, zoals hij zo elegant naar Eckart communiceerde. Plichtmatig werken we nog een diner met Frank af. Wel vragen we hem of het echt nodig is dat we in deze tijd van de gebarsten dotcom bubbel een headhunter in moeten huren om een CFO te vinden. “Frank, they will be lining up for free,” onderstreept Gary mijn betoog. Maar Frank staat erop dat we morgen met de headhunter praten, en dat het zijn verantwoordelijkheid is. “And our cashflow,” sputter ik nog tegen. Civiel nemen we afscheid van elkaar, waarna ik naar huis rij waar de kerstboom voortijdig opgetuigd is. Inmiddels horen we al kerstmuziek, waar we ook komen, sinds mid november. Bing Crosby komt me inmiddels de strot uit. Het woord ‘gezellig’ borrelt weer eens in me op, niet alleen vanwege de kerstsfeer, maar ook vanwege Astrids huiswerk. Letterlijk:

Kaj heeft dikke pret op de brancard en Ivar vindt het wel lollig.

Astrid is sinds haar werkvergunning aan de studie geslagen om EMT (Emergency Medical Technician) te worden op de ambulance. Ze oefent nu thuis met een medecursist op de jongens. Ze hoopt dat dit het pad vormt naar ‘911’ werk, oftewel het medische adrenaline avontuur dat lokt. Ik breng kort verslag uit van mijn ‘avonturen’, waarbij de ogenschijnlijke rust haar wel aanstaat. Na mijn vrijdagmorgen meeting met Gary en Kelly Backens, hoe klef, wordt Barry Obrand aangemeld. Barry is één van de associates van Russell Reynolds Associates en ’n echte glibber van een headhunter. Hij wordt uiterst vriendelijk door Frank welkom geheten. ‘Die twee kennen elkaar’, zoemt het door m’n hoofd. Hij stelt zich aan ons voor en geeft zo’n hand waarbij hij vervolgens z’n linkerhand op de jouwe legt. ‘Freaky’. Lang verhaal kort; hij zal een lijst voorleggen van geschikte kandidaten, en gezien hun reputatie kan dat snel gaan, waarbij hij aantekent dat hij begrijpt dat we haast hebben. Nou, dat is nieuws! “Eh,” vuur ik m’n eerste vraag af, “what is your compensation for a position like that.” Barry legt uitvoerig uit dat voor deze positie gedacht moet worden aan een fee van $60.000, waarvan een derde vooruit betaald dient te worden. “Obviously excluding out of pocket costs,” vervolgt hij monter. Vriendelijk vraag ik hem waar we dan over praten. Klaarblijkelijk schijnt de norm voor dat soort kosten $5.400 te zijn. Ik word gek, $65.400 om een CFO te krijgen die we waarschijnlijk zelf ook kunnen vinden. Ja, Barry meent dat een ‘quality guy’ al snel aan een ‘compensation package’ komt van $200.000. “That means also a raise for Gary and Peter,” kraai ik opstandig. Barry kijkt zuinig, “that’s up to your board,” zegt hij terwijl hij opstaat en Frank een blik van verstandhouding geeft. Ik verbeeld me dat hij een seintje aan Frank geeft, zo van ‘die Laanen plaats ik ook wel’. Nadat hij vertrokken is proberen Gary en ik Frank over te halen om dit niet te doen. We hebben überhaupt de cash niet! Frank is onverbiddelijk, voor kwaliteit moet je betalen. Hij geniet, dit is macht. Maandag krijgen we de bevestiging van Russell Reynolds via alle mogelijke kanalen binnen:

Ik bel Georg Langer en zeg hem de cashflow voor 2003 met ruim twee ton negatief aan te passen. “Für was,” vraagt de van Oostenrijk afkomstige Georg. “Für scheisse,” antwoord ik enigszins bitter, hoewel wat theatraal. “Later Georg,” schakel ik over, “the drinks are on me.” Ik concentreer me op m’n maandag meetings, waarbij ik extra tijd neem voor Ed Niskanen, de huidige CFO. Ik deel hem mede dat de kogel door de kerk, en laat hem de brief van Russell enzovoort zien. Eds ogen staan op droef, als een aangeschoten hert. Ed is een loyale soldaat, zeer bruikbaar, maar eerlijk gezegd, niet als CFO voor de volgende fase. Ik stel hem op z’n gemak, wijs hem op de besparingen die nodig zijn om de extra kosten op te vangen, waardoor hij zeer zeker ook werkzaamheden op een lager niveau dient te accepteren. Ed knikt slechts. Hij veert op wanneer ik hem de eretitel ‘CBO for life’ toebedeel. “Chief Beancounting Officer,” grijnst hij. Na een flinke hug verlaat hij m’n kantoor, waarschijnlijk opgelucht dat hij nog werk heeft. Onder Amerikaans management hadden al z’n spulletjes waarschijnlijk al in een doos bij de receptie gestaan. “Nederland, oh Nederland,” neurie ik, en ga naar de admission meeting met de pittige Yee Ju Riddell. Donderdag begint een lang weekend want we vieren Thanksgiving, door cynici ook wel het feest genoemd waarbij Indianen de kolonisten onder barre omstandigheden van voedsel voorzagen en als dank daarvoor de decennia daarna rücksichtslos uitgemoord werden. Voor de kinderen houden we het op ‘gobble, gobble day’, oftewel de dag waarop de kalkoen, al dan niet via de kont volgepropt, breed genuttigd wordt. Wij vieren het bij vrienden Ton en Marion, wel zo geriefelijk. Zondag 1 december heb ik me over laten halen door Henny Neys, de Mother Teresa van de East Bay, om voor Sinterklaas te spelen in Berkeley, alwaar ik in een bootje zal aankomen. ’s Ochtends krijg ik het boek met de namen van de kinderen, alsmede de namen van de Zwarte Pieten. Gespannen wachten we aan de overkant van de jachtclub op het seintje dat we binnen kunnen komen. Na de korte trip worden we bij aankomst hartelijk welkom geheten.

Het succes is overweldigend, zowel kinderen als ouders, die ik met wat voor de kinderen onbegrijpelijke dubbelzinnigheidjes lachend op mijn hand krijg, amuseren zich. Over dubbelzinnig gesproken; in de zaal zitten veel mensen die ik goed als business relatie kan gebruiken. Zoals ik altijd zeg; netwerken doe je overal. Op mijn weg terug naar de boot, onder het zingen van ‘Dag Sinterklaasje’, beloof ik die schat van een Henny Neys volgend jaar ook weer acte de présence te geven. Het voelt aan als een goede daad. Astrid staat aan de overkant klaar met de auto om me met de kinderen naar huis te brengen. Tot aan de Caldecott tunnel, door de Berkeley Hills, hou ik m’n baard op uit angst kinderen tegen te komen. “Je bent ook zo’n echte Klaas,” zegt Astrid plagerig onder gelach van de jongens, die inmiddels het snoepgoed aan het consumeren zijn. Het wordt een gemoedelijke zondag, hetgeen me goed uitkomt want morgen wacht de komst van Dave Pauldine, de President van The Art Institutes, die ons leven weleens zeer ten positieve zou kunnen beïnvloeden.

Volgende week: een toer en lunch die m’n positie versterkt. Gesteggel met de Belg over de prijs die we voor een CFO moeten betalen. De boardmeeting van 2003 werpt z’n schaduw vooruit.

Mooie vorst en mooie dooi

Heerlijk toch dat het zo fantastisch dooide dat we niet net als in die goeie ouwe tijd opgescheept werden met wekenlange smerige langzaam smeltende sneeuwhopen. En zowel tijdens de vorst als de dooi gebeurde leuke dingen. Komen er plotsklaps twee schaatsers aan de deur (we wonen aan het water). Zegt de man, “eens een zwager, altijd een zwager”. Hoe leuk is dat? Jonge (toen) zwager uit m’n eerste huwelijk die we zeker 15 jaar niet gezien hebben. Grote verhalen, ook al omdat hij een fan was van m’n voetbalcapriolen en hier en daar wel eens een paar voetbalschoenen aan de strijkstok bleef hangen. Of een fraai paars basketbalshirt uit mijn Amerikaanse leger periode. Bij het afscheid hebben we afgesproken om de intervallen qua bezoek wat te bekorten. En dan de burenhulp in os buurtje. Astrid merkte dat de ark van onze Amerikaans/Nederlandse vriendin Mariska, die ons in juni komt verblijden met haar permanente aanwezigheid, enigszins schuin in het ijs hing. Bleek een lekkend kraantje behoorlijk wat water in de loopruimte bijeen gedruppeld te hebben. Geen sinecure, maar binnen een mum van tijd stonden drie buurmannen met een waterstofzuiger (pomp) in slagorde om de ark van kapseizen te behoeden.

Gered! Helden, dat zijn het! Nu wil het geval dat deze semi pensionado, tussen z’n broddel geschrijf door, bij tijd en wijle jonge bedrijven helpt die de avontuurlijke overtocht naar de V.S. willen maken. Voor een eerst oriëntatie is het dan mooi dat er lokale Nederlanders in Californië zijn die de helpende hand willen reiken. Nu heeft m’n beste vriend aldaar, Fred van Buiten, de achterwacht rond episch center Menlo Park opgeroepen een Denk Tank te vormen om zodoende meer kennis bijeen te brengen. En voorwaar, massaal hebben de uitverkorenen zich aangemeld. Om aan te geven hoe blij ik daarmee ben, en om Fred te eren, onderstaand een foto hoe blij hij was toen hij ’n zeldzaam partijtje aan de pool table van me won:

Echt, blijer is niet mogelijk wanneer je van me wint! Fred gaat volgende week met de eerste jeugdige entrepreneurs spreken, en aan de hand daarvan schakelt hij een lid van de Denk Tank in. Gisteren heeft de schouwing plaatsgevonden van ons dak. We gaan er 13 zonnepanelen opleggen en om diverse redenen zijn Astrid en ik er ontzettend blij mee. Nu nog even wat te narren hebben. Ja toch?! Dat bezoek van één persoon per dag gebod is natuurlijk zottenpraat, en wordt massaal gebroken. Voorbeeld: morgen komt zoon Ivar zijn ouders (Astrid en ik) bezoeken. Andersom mag niet. Buiten dat het natuurlijk ridicuul is, maakt hij gebruik van bus en spoor om bij station Breukelen te geraken. Aldaar wacht één zijner beminde ouders op hem ter verdere transportatie. Bezoeken wij hem; één rit van huis tot huis, ik bedoel maar. Ter afsluiting: gebruik je gezonde verstand, luister niet naar al die samenzwerende Corona roeptoeters, en weet dat a.s. woensdag, gelijk een Zwitsers uurwerk, #99 van ‘Uit de Amerikaanse school geklapt’ digitaal gelanceerd wordt. Ja, ja, er zijn nog meer zekerheden in dit leven buiten de dood en de belasting!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 98

De strijd met Bram. De onverwachte komst van Frank Monstrey, alias ‘De Belg’. Een dure CFO propositie.

Ik parkeer de auto vlakbij de lift en begeef me naar ‘International Arrivals’. Aangezien Bram altijd als eerste na de douane een saffie wil opsteken, neem ik ruim de tijd. Het is zondagmiddag druk op SFO, niet ongezellig, vliegvelden hebben me altijd al een apart gevoel gegeven. Op het beeldscherm zie ik Bram zich al een weg banen naar de elektrische schuifdeuren. Zodra hij me ontwaart stapt hij op me af, begroet me en zegt; “zo, ben ik er effe aan toe.” We lopen naar de buitencorridor met de grote roestvrij stalen asbakken. Na de gebruikelijke prietpraat over “goede reis gehad” en “ben je fit”, vraagt Bram verbaasd waarom Astrid er niet bij is. Ik leg hem uit dat Astrid liever het gesprek over wilde slaan mocht het inderdaad leiden tot elkaar voor rotte vis uitmaken. Bram steekt peinzend een tweede sigaret op en mompelt slechts, “okay.” Zwijgend lopen we naar m’n geparkeerde auto waar Bram naast me plaatsneemt. Op de ‘101’ aangekomen, onderweg naar Berkeley, belanden we in het zicht van San Francisco in een uiterst langzaam rijdende file. Het lijkt me het juiste moment om Bram te vragen wat er met Eckart aan de hand is. “Hoe bedoel je,” vraagt hij. Hij vraagt naar de bekende weg, maar goed. Omstandig leg ik hem nogmaals uit over uitgevaardigde richtlijnen, wegloopgedrag en als ultieme voorbeeld waarom hij, Bram Zwagemaker, hier de vrede moet komen herstellen, terwijl de Belg de leiding heeft over het imperium. Bram zucht, gaat eens door z’n grijze haardos, en begint een verhaal dat meer dan twintig jaar teruggaat. Het is het verhaal van Eckarts scheiding, waardoor hij wegens geestelijke afwezigheid de greep op BSO kwijtraakte. Terwijl Bram monotoon de feiten oplepelt, gaan m’n gedachten terug naar een augustusavond in 1990 met Astrid bij Eckart in Driebergen. Ook toen somberde hij over zijn op de klippen gelopen relatie met Marijke. Overigens nam hij daar grotendeels de schuld van op zijn schouders. Hij opperde zelfs nog een huizenruil met ons in Loosdrecht omdat haar invloed op de inrichting in Driebergen zo nadrukkelijk aanwezig was. “Ja,” brengt Bram me weer terug in de file, “wanneer Johan Vunderink en ik niet het voortouw genomen hadden, dan was de boel bij BSO helemaal uit de klauw gelopen.” Triomfantelijk kijkt hij opzij. “Maar Bram,” verwonder ik me, “wat heeft dat met de huidige situatie te maken.” Inmiddels zijn we op de Bay Bridge aanbeland en is de avondschemering ingevallen. Zo te zien verlangt Bram alweer naar een peuk. “Kijk,” begint hij agressief, “jij kan wel tegen Frank Monstrey aanzeiken, maar hij is degene die nu hetzelfde vuile werk doet omdat heer Wintzen van zijn Ex’tent portefeuille een zootje gemaakt heeft.” Zo, die komt aan. In stilte rijden we door naar Hilgard. Wanneer we daar aankomen is inmiddels de duisternis ingevallen. Bram opent de deur en vraagt me de lichten aan te doen, zodat hij nog even kan paffen. Met m’n gedachten nog bij Eckart, krijg ik in het donker een schok, ik zie hem als het ware bij de open haard:

Alsof hij zeggen wil “geloof niet alles wat ze je vertellen”. Haastig schakel ik het licht aan, een rilling loopt over m’n ruggengraat. ‘Creepy’. Bram loopt naar binnen, haalt een fles chardonnay uit de koelkast en schenkt twee flinke glazen in. “Proost Peet, op een positieve week,” toast hij. We gaan zitten en ik haal m’n ‘yellow pad’ notities tevoorschijn.

“Christeneziele,” foetert Bram, zoveel tijd hebben we niet. “Valt wel mee Bram,” het zijn maar drie pagina’s,” antwoord ik, zonder geestig te willen zijn. Alhoewel mijn pijlen ook op Eckart gericht zijn, komt het merendeel toch op het bord van Frank Monstrey. Zonder me te interrumperen neemt Bram de litanie tot zich: “de leidersrol die Monstrey is toebedeeld, is niet aanwezig. De organisatie als anderhalf jaar geleden geschetst functioneert niet. Berichtgeving wanneer gelden niet overgeboekt zijn ontbreekt, dus salarisbetalingen in gevaar. Eckart die iedere keer de flow van de boardmeetings verstoort. Notulen die niet of nauwelijks gelezen worden. Plotsklaps moeten er cijfers geproduceerd worden zonder dat er een reden voor gegeven wordt. En dan dat ongelooflijke ‘not sent, not received, not read’ gezeik, dat noemen we hier ‘amateur hour’. Onze arbeidsovereenkomsten en ‘stockoption agreements’ die nog steeds niet officieel zijn. Al die misverstanden die ontstaan vanwege lokale onkunde. Frank Monstrey die mij links en rechts dumpt.” Even haal ik adem en besluit; “de heer Monstrey heeft een hele grote broek aangetrokken, weet álles beter, en heeft mijns inziens nog niets gepresteerd.” Bram kijkt me strak aan en vraagt, “bejje klaar.” Om even tijd te winnen haal ik de fles chardonnay uit de koelkast en zorg voor een ‘refill’. Bram steekt van wal; “na wat ik je in de auto al vertelde, kun je van mij aannemen dat Frank zich twee slagen in de rondte werkt.” Daar val ik hem gelijk in de rede; “nou, daar kunnen wij anders niets van merken.” Bram kijkt me kil aan en zegt slechts, “zoals ik al zei, neem dat van mij aan, tenzij je vindt dat ik lieg.” Zover ga ik niet, dus doe ik er het zwijgen toe. “Dan heb ik nog een nieuwtje voor je,” vervolgt Bram, “Frank komt woensdag binnenvliegen.” M’n mond valt alleen geestelijk open. “Buiten gesprekken met de financiële mensen, is er tevens een meeting gepland met een gereputeerde headhunter, aanstaande vrijdag.” Sarcastisch vraag ik of ik m’n eigen profielschets moet invullen. Bram negeert m’n opmerking en zegt slechts, “je weet dat er behoefte is aan een sterke CFO.” Bram gaat door met te herhalen dat Eckart goed is voor z’n woord voor wat betreft de overeenkomsten met Gary en mij, en dat ik niet zo licht aangebrand moet zijn. Na een enigszins heftige woordenwisseling besluit ik naar huis te gaan, en voeg Bram alleen nog toe dat het goed praten is vanaf de zijlijn. “Schieten op door ons geproduceerde resultaten of geprognotiseerde doelen is makkelijk, kom zelf eens met iets,” zijn mijn laatste woorden. Bram is onbewogen; “kom goed thuis Peet,” roept hij me bij de deur na. Voorzichtig rij ik dwars door Berkeley richting highway 24. Thuis aangekomen vraagt Astrid, “hoe ging het.” Ik geef haar een kus en zeg, “goed.” Na het ritje van 35 minuten heb ik het al van me afgeschud, woensdag komt een nieuwe klas binnen, hetgeen me altijd vrolijk maakt. Nummer 25, een jubileumgetal. Eigenlijk loopt alles op rolletjes, Bam gedraagt zich voorbeeldig in de diverse meetings en stelt intelligente vragen. Dinsdagavond heeft hij een party georganiseerd bij Eckart thuis voor de hele managementlaag, hetgeen in zeer goede aarde valt. Woensdag is hij getuige van het onthaal en daaropvolgend liefdesfeest van de ‘freshmen’ van klas 25, en bekommert hij zich godzijdank om de binnenkomst van Frank Monstrey. Het wordt een onrustige nacht, op een of andere manier droom ik van de heilige drie-eenheid Bram, Eckart en Frank, en tegelijkertijd komen ze over als een soort maffia familie, met Bram als de oude beschermheer en Frank als de ‘new kid on the block’.

Ik douche het ’s ochtends van me af, en wanneer ik donderdagmorgen rond zeven de kinderen met een dolletje gedag zeg, beloof ik Astrid met een dikke pakkerd het na het diner niet al te laat te maken. Ik kan het niet nalaten om te zeggen, “ja, of ik voor m’n plezier met Frank uit eten ga.” Ze kan er wel om lachen. ‘Frank Monstrey dag’ is aangebroken. Onderweg naar Emeryville doe ik m’n normale voorbereiding en zing luidkeels mee met Bruce Springsteen, kopje koffie in de ‘cupholder’. Voordat Bram en Frank arriveren, neem ik met Gary de dag door. Eerst een rondje met ons vier, vervolgens de financiële mensen, waarna om half zeven diner volgt met ons vier, aangevuld met COO Chris Coan, ook een man met een rijk showbusiness verleden. “And don’t forget Gary, tomorrow just a short meeting with you and Kelly, because ten o’clock we have the headhunter meeting.” Even op scherp zetten, zeker voor wat betreft Kelly. Gary aarzelt geen moment en zegt slechts, “it’ll cost us a fortune.” Zeker weten, afhankelijk van wat een nieuwe CFO’s jaarsalaris wordt, zal het honorarium voor de headhunter minstens daar een kwart van bedragen, dus algauw zo’n $40.000. En dat met een cashflowpositie waarbij elke ‘dime’ omgedraaid moet worden. Op de gang hoor ik Brams stem al, hetgeen veroorzaakt dat ik pontificaal achter m’n bureau plaatsneem. Als eerste verschijnt Frank in de deuropening met een lach van oor tot oor; “Peter, wat een genoegen om weer hier aan te mogen schuiven,” luidt zijn openingszin. Gary is daar goed in, hij geeft Frank een hug en zegt, “so good to see you Frank, did you lose weight.” Het enige wat in me opkomt is de vraag wat voor invloed, of greep, de Belg heeft op de erudiete Eckart.

Volgende week: de reguliere meetings, inclusief hier en daar een uitval, en de verbijsterende propositie van de headhunter.

Van watervilla naar ijsvilla

Wat zat ik er naast zeg toen ik 16 januari uitriep tot begin en eind van de winter. Maar goed, gisteren werd het een briljante winterdag met een veelal solide ijsvloer. Allereerst wil ik jullie laten zien waar ik de dag begon. Een beetje rillerig nog, maar achter mij kun je goed de plek zien die Astrid en ik open houden voor ons ijsbad.

Goed begin van de dag. Astrid wilde niet op de foto en is kopje onder gegaan. Even kijken hoe lang ze dit volhoudt Vervolgens even naar de sneeuwfilmset die ik geprepareerd heb voor kleinzoon Aren. Daar moet één der hoofdrolspelers, Spartamannetje, uit de penarie geholpen worden.

Als opa heb je het er maar druk mee! Wel is het van belang dat je zo’n peuter van meet af aan duidelijk maakt dat Sparta dé club van Rotterdam is. Vervolgens even naar binnen om op te warmen. Tijd om onze achtertuin, het bevroren eendengat, leidend naar de Loosdrechtse Plassen, vóór activiteiten als koek en zopie, vast te leggen:

Rust alom, een semi pensionado waardig! Dat betekent een bakkie troost en een blik op het laatste nieuws. Jezus! Vrouwelijke theologen en religiewetenschappers vinden dat God niet met Hij, maar hij aangeduid dient te worden. En dan heeft het Bijbelgenootschap net de kleine h gewijzigd naar de grote H. De grote H zou er te veel op duiden dat het hier om een man gaat. Dat vraagt om een oplossing van een ex misdienaar. Ik dus. Als volgt, zeg het met een lied. Mijn voorstel:

Voor of na het ‘Onze Vader’, maakt niet uit, en geen der partijen lijdt gezichtsverlies. She blij, Hij blij. Het Bijbelgenootschap heeft het in beraad. Terug naar het bevroren eendengat waar inmiddels twee ijsgelovigen zich gemeld hebben, die ik onmiddellijk herken:

Overbuur Peter Kamp (comedy kompaan) stelt zich sierlijk aan Astrid voor. Ze gaan ’n rondje ijs veroveren terwijl Tinley zich koeltjes terugtrekt:

Het voelt als een intensieve dag, nadat Astrid heelhuids is teruggekeerd, maar de klok wil de magische vijf maar niet aantikken! Dan maar even concentreren op aflevering 98 van ‘Uit de Amerikaanse school geklapt’. Inmiddels heb ik al aanbiedingen afgewezen om lezers hoofdstukken vooruit te leveren. Helaas, mijn integriteit gaat boven alles. Cynici zullen beweren dat de biedingen niet hoog genoeg waren. Stumperds, dat zijn het. Hoe het ook zij, we gaan nog een weekend ijspret tegemoet, maar blijf op je hoede, zowel het virus als een wak liggen op de loer. Vanaf maandag zal de ijsvilla wederom de metamorfose naar watervilla ondergaan, maar de ijs- en sneeuwpret kunnen ze ons niet meer afnemen!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 97

Geen enkele reactie van Eckart. Brams response daarentegen is grof, maar duidelijk.

Het is zo’n woord dat in de Amerikaanse samenleving te pas en te onpas gebruikt wordt, maar genesteld in de e-mail van Bram maakt het pas echt indruk!

Bram ontkent het dus in alle toonaarden, maar ‘grappig’ genoeg heeft hij zowel Eckart als mij in kopie meegenomen, hoewel Gary hem persoonlijk had geschreven. Zo van ‘geen onderonsjes’ en tegelijkertijd stelt hij mij en Eckart op de hoogte van, in zijn ogen, Gary’s verdachtmakingen. Het grote ‘waarom’ is natuurlijk het absolute stilzwijgen van Eckart. Kunnen we stellen dat hij op deze manier door Bram uit de wind gehouden wordt? Waar rook is, is vuur, zo simpel is het. Hoe komt een student erbij om zoiets te verzinnen, dat lijkt onlogisch. Moet ik er heel eerlijk bijzeggen dat ik er bij een Amerikaanse grootaandeelhouder allang uitgeflikkerd zou zij. Die appreciëren zo’n grote bek niet. Hoewel. Gary deelde me mee dat tijdens een congres dat hij vorige week bijwoonde, de waarde van Ex’pression al ruim $20 miljoen hoger werd geraamd dan geïnvesteerd door Eckart. En op dat moment zou een Amerikaanse eigenaar de volgende profetische woorden uitspreken; “money talks, bullshit walks”, en mijn baan sparen. Grappig, komt Brams commentaar nog ergens van pas. Genoeg gedelibereerd, grinnik ik inwendig, aan de slag. Het is nu een kwestie van de dagen ‘managen’ tot Bram in komt vliegen, en me niet te veel aan te trekken van de e-mails van de Belg. Buiten dat hij de gebouwen wil verkopen en terug huren, wil hij ook een nieuwe CFO aannemen. Ed Niskanen hoeft niet weg, maar er moet wel ruimte in het budget worden gemaakt. Voor het moment besluit ik het allemaal even links te laten liggen en bepaal me tot de zaken van alledag. Op mijn bureau ligt een twee dagen oude e-mail van Gary, persoonlijk aan Eckart gericht, naar aanleiding van het congres. Hij schrijft hoe Ex’pression op de radar is bij grote ondernemingen die scholen over heel Amerika bezitten. De meeste hebben $200 miljoen of meer in kas om sneller uit te breiden. En, Ex’pression is door de opzet makkelijk schaalbaar. Gary legt uitbundig uit dat Ex’pression unieker is dan welke school ook en daardoor minimaal $50 miljoen kan opbrengen. Vervolgens bezweert hij dat er geen enkele intentie zou moeten zijn om Ex’pression te verkopen, omdat met een jaar of drie Ex’pression in een positie zou zijn om, in zijn woorden, een ‘incredible killing’ te maken. En nu komt een interessant gedeelte, waarin Gary uitlegt waarom hij dit vertelt, en hoe ik erin sta:

Gary legt uit waarom ik bij tijd en wijle zo geïrriteerd ben, en daardoor ook het gevoel heb dat wij door Ex’tent als een mislukking beschouwd worden. Hij sluit af dat hij niet de intentie heeft om Eckart af te zeiken, echt niet, maar de bedoeling heeft om hem te laten weten dat Ex’pression waarschijnlijk de beste gok is die hij ooit gemaakt heeft. Nog geen antwoord, maar wie weet. Nou, dat wie weet komt de volgende morgen reeds. Een withete Gary meldt me dat hij weer eens door Eckart gekleineerd is, en of ik Eckarts e-mail maar zo snel mogelijk wil doorlezen en van commentaar voorzien. Het valt me gelijk al op dat alles wat van doen heeft met de Belg, of door Bram ondernomen wordt, totaal niet benoemd is. Het begint vriendelijk, als altijd:

Daarna gaan de belerende vloedgaten open. Waar doet dit me aan denken? Ja natuurlijk, een betweterige foto vanuit zijn boek ‘Het Hoofd Sprak’, ruim zes jaar geleden.

Voor ik me zet aan het herlezen van de e-mail, vraag ik me af hoe het komt dat we zo uiteen gegroeid zijn. Ja, qua geld, dat is een simpeltje, maar waar als mensen? Voor ik met Gary in conclaaf ga, schrijf ik puntsgewijs Eckarts stellingen op. Natuurlijk eerst een compliment: “You all did a great job”. Vervolgens de ontkenning dat wie dan ook van het team als een mislukkeling beschouwd wordt, maar dat wel getracht wordt om er professionele managers van te maken. Nog erger: “so we only try to bring the team up to the necessary professional level….”. De professionals uit Austerlitz, die qua sturing alles fout doen de laatste maanden, komen ons wel even vertellen hoe het in Amerika moet. De hoogmoedsverplettering! Er volgt nog een fijne regel dat het ook zo gaat met het opvoeden van kinderen. Vervolgens maakt hij een vergelijk met het jaarlijkse congres van BSO, ‘Infolution’ herinner ik me nog, dat wel een tot twee miljoen kostte, maar waar het er ook zo toe aan ging. Hoewel geweldig evenement, gaat z’n punt aan mij voorbij, maar wellicht wilde hij indruk op Gary maken. Hij besluit dat hij de huidige irritaties persoonlijk ziet als een zij effect van het leerproces. Daar staat tussen haakje nog wel achter, “for all of us”. Gary sjokt wat mismoedig binnen. “I don’t give a rat’s ass about that man anymore,” roept hij in afschuw uit. Ik bedank hem bemoedigend voor zijn support, maar wijs hem er tegelijkertijd op dat we juist nu verder moeten gaan. Samen hebben we 15% van Ex’pression, en dat “is a lot of potential fucking money,” haal ik Gary over. Ik haal een geel note pad tevoorschijn en samen beginnen we punten op te schrijven om komende zondag met Bram te bespreken. In de loop van de week vul ik die verder aan. Redelijk rustig verlaat Gary m’n kantoor, en ik ben zo geconcentreerd met de ‘Bram’ meeting bezig, dat ik hem vergeef donderdag voor de zoveelste keer met Kelly Backens te laat te komen. Dat is dezelfde dag dat Peter McNally, makelaar van Robinson/McNally, me vanuit het niets meldt dat wanneer mijn ‘deep pocketed Dutch founder’ overweegt de school ‘going concern’ te verkopen, hij een geïnteresseerde partij heeft. Ik informeer volgens de regel de bonzen in Austerlitz. Met kerende post, het kan dus wel, beantwoordt de Belg dat daar geen sprake van is, en vraagt me vervolgens wie dit gelekt heeft. Gek word ik van die man. Gek word ik ook vrijdag wanneer voor de zoveelste keer het toegezegde geld niet overgeboekt is. M’n gele note pad komt bladzijden tekort om al m’n driftige aantekeningen te bevatten. Vrijdagavond is de pokeravond bij ons thuis en ‘Thank God’ heeft Astrid weer voor de diverse hapjes gezorgd. Veel gelachen, slecht gespeeld, dus verloren, maar enigszins tipsy en goedgemutst even na middernacht de echtelijke sponde opgezocht. Wel zachtjes aan gedaan! En dan is de ‘tell all’ zondag de 17e aangebroken, ik orden het gele note pad, hiermee voor mezelf aangevend dat ik gereed ben om de strijd (rotte vis) met Bram aan te gaan.

Uiteraard staat het bericht over niet ontvangen geld bovenaan. Ik ben er klaar voor, Bram hopelijk ook! ‘On my way to SFO’.

Volgende week: de strijd met Bram. De onverwachte komst van Frank Monstrey, alias ‘De Belg’. Een dure CFO propositie.

En dan nu het weer

Je hoort op dit moment alleen maar gepraat over het weer, want de winter komt eraan. De winter die in mijn jeugd zo normaal was (sprak de oude baas schorrig). Het weer dus. Het deed me denken aan een oude mop (weer bejaarden meuk dus). Spreekt een vrouw haar man aan: “kan je het misschien eens een keertje over iets anders hebben dan seks”. De man krabt zich op het hoofd en vraagt, “waarover dan”. Zegt de vrouw, “over het weer bijvoorbeeld”. “Oh”, zegt de man, “wanneer doen we het weer?”. Gezien het niveau van de moppen van Johan Derksen bij Veronica Inside, schenk ik hem deze met plezier. Gedurende de ruim 17 jaar die we onder de rook van San Francisco gewoond hebben, beperkte het schaatsen van de jongens zich tot tijdelijk opgebouwde schaatsbanen, zoals hier op de S.F. Embarcadero:

Ivar gevolgd door Kaj, en koud was het niet!

M’n moonboots staan klaar, evenals de glühwein, mij maken ze niet gek! Dat geldt ook voor alle informatie die ik tot me krijg via de diverse Covid deskundigen. Ik heb besloten me terug te trekken in m’n eigen bubbel, gebruik makend van niet al te zware literatuur, wat comedy, en hier en daar een voetbalwedstrijd. Ach, dat brengt me bij André Onana, de stumper, die het ‘verkeerde’ pilletje innam dat in het medicijnkastje van zijn vrouw lag. En dat verkeerde pilletje van André brengt me bij een sporter die het verkeerde plasje inleverde. Een grap, parodie eigenlijk. Gerard Cox als de Vlaamse wielrenner Polleke die zijn ‘verkeerde’ plas heeft ingeleverd voor de dopingcontrole en vervolgens commentaar geeft over de uitslag: “d’n professeur zegt, amai Polleke, ge zijt gediskwalificeerd, maar proficiat, ik heb een fameus bericht voor u, ge gaat een kind bekomen”. Dat arme Ajax, dit kan er ook nog wel bij na de administratieve vergissing met hun duurste aankoop aller tijden. Na Haller dus ook geen Onana in het Europese voetbal. Wellicht kunnen PSV, AZ, Vitesse en Feyenoord een minitoernooi spelen, waarvan de opbrengsten ten goede van Ajax komen. Dat noemen we dan het Lucky Ajax toernooi. Bijkomend voordeel, dan is het gezeik over dat ‘Lucky’ ook gelijk afgelopen. Trouwe lezer, ook vandaag houden we het weer luchtig, bij OP1 kunnen jullie voor het serieuze deel terecht, hoewel ik eergisteren dacht bij een kookrubriek aanbeland te zijn. Doezel je zo laat wel lekker bij weg! Tja, dat weer…… Wanneer we in Californië gingen skiën, dan genoten we veelal van het onderstaande:

Astrid en ik in ‘actie’ op de hellingen van Lake Tahoe.

Vergis je niet, mijn lach was er een van opluchting, van iemand die weer een zwarte piste heeft overleefd! Zo’n piste waar Astrid als een roze wolk vanaf vlinderde. Heel eerlijk, ik zie best wel een beetje uit naar die sneeuw; licht in het donker. Voor woensdag, nu zeker, kan er weer gerekend worden op een aflevering van ‘Uit de Amerikaanse school geklapt’. Nummero 97 zeggen wullie in Rotterdam. Ter afsluiting; blijf geduldig, de prik komt eraan, met of zonder Minister de Jonge. Dus verlies nou niet op het allerlaatste moment je geduld, en weersta de neiging om wildvreemden te omhelzen vanwege de sneeuwpret!

“Uit de Amerikaanse school geklapt” – The Ex’pression years – 96

Een verrassende vrijdag e-mail van Bam Zwagemaker. Gary krijgt via een student te horen dat ‘n headhunter een vervanger zoekt voor Peter.

Terwijl ik vrijdagmorgen naar Ex’pression rij, blijven m’n gedachten bij het gesprek dat ik gisteren tijdens een dinertje gevoerd heb met Fred Kappetijn, de aanjager van de ‘Eyecatcher’, de beeldtelefoon waarmee je elkaar recht in de ogen kunt kijken. Weliswaar Eckarts lievelingsproject, maar ook zwaar onder vuur qua kosten. Ook daar heeft de Belg z’n tanden in gezet. Fred kan het niet uitstaan dat alle communicatie naar Eckart via de Belg moet lopen. Het patroon is identiek, Frank Monstrey wordt kortweg door iedereen ‘De Belg’ genoemd omdat na de wervende introductie door Eckart, langzamerhand elke vorm van respect is weggedruppeld. Daar moeten ze in hoofdkwartier ‘ De Bosschuur’ toch ook enig idee van hebben gezien de kritiek die Fred Kappetijn spuide. Zo groot is het daar niet, en Fred neemt niet bepaald een blad voor z’n mond. En alsof de duivel ermee speelt, is het eerste dat plotsklaps op mijn beeldscherm opduikt een e-mail van Bam Zwagemaker met als ‘subject line’; biertje. Eckart, de Belg, Bram, dat is klaarblijkelijk de volgorde waarin we benaderd worden. Ik ben benieuwd. Bram schrijft dat ondanks dat we zoveel dagen met elkaar besteden, we nimmer toegekomen zijn aan een biertje met elkaar. En niet dat hij slempen bedoelt, maar navelstaren, bezinnen, filosoferen, kortom ontspannen ouwehoeren, waarbij toch serieuze onderwerpen behandeld kunnen worden. Ook schrijft hij dat we de stadia van escalatie en de-escalatie voldoende over ons heen hebben gehad, hoe goed ook bedoeld. Eckart, Frank en hij zijn tot de conclusie gekomen dat er een poging gedaan moet worden om de ‘kou uit de lucht te halen’. Vervolgens geeft hij aan 17 november in San Francisco aan te komen, ervan uitgaand dat ik hem ophaal, al dan niet met Astrid, waarna een serie afspraken voorgesteld wordt. Hij stelt tevens voor dat hij en ik, in een ‘free format’, elkaar eerst maar eens voor rotte dan wel smakelijke vis uit moeten maken. Tjonge jonge, Bram de Moker als Bram de Vredesduif. Naast alle mensen die hij wil spreken, is er ook de behoefte om een dinerafspraak te maken met Gary, Debbie, Astrid en mij. Is dit om de vrouwen gerust te stellen, komt het in me op. De e-mail is doorspekt van vriendelijkheid en hij sluit af dat hij en ik tussen de buien door ook nog wel even kunnen oh’en over het door Nederland te organiseren wereldkampioenschap honkbal. Déja vu gevoel, vraagt hij tussen twee haakjes, verwijzend naar mijn aantreden als voorzitter bij de KNBSB na het financieel mislukte WK honkbal 1986. De toonzetting is zo vriendelijk en redelijk dat ik, Bram kennende, er enigszins ongemakkelijk van word. Hoe zeer zijn Bram en de Belg met elkaar vervlochten, dat is de vraag. Maar, recht zo die gaat, ook ik vind dat er een einde aan die misère moet komen, en gun Bram het voordeel van de twijfel. In die geest antwoord ik hem dan ook:

In ieder geval zal ik de leden van het Management Team aanstaande maandag informeren en voorbereiden. Resteert nog een druk weekend, morgenochtend om 8 uur een Chamber planning bijeenkomst bij het Four Points by Sheraton hotel en zondagmorgen 9 uur wacht ons weer een uitverkocht Ex’pression Open House spektakel. Gelukkig komen vrienden Ton en Marion van den Hoven over, die kinderen hebben in de leeftijd van onze jongens. Dat vangt het gemis van papa voor een half weekend in ieder geval behoorlijk op. De vraag of dit het allemaal wel waard is, laat ik snel varen. Wederom komt de uitspraak van Winston Churchill in me op; “if you’re going through hell, keep going”. Ook dat laat ik snel varen, mijn ‘hel’ is nog steeds beheersbaar, en met een sterke thuisbasis en goede stafleden wordt het licht aan het einde van de tunnel steeds meer zichtbaar. Nog even afgezien van de paradijsbubbel waarin we ons af en toe terug kunnen trekken. En zo vliegt het weekend ook voorbij. Ongelooflijk hoe zo’n Open House als een infuus energie in je pompt. Dat alles beheerst mijn denken wanneer ik maandagmorgen weer de weg naar Ex’pression aanvaard. Tot mijn verbazing zie ik bij mijn aankomst Gary’s VW Kever vlak bij de entree geparkeerd staan. Meestal heeft hij dan een mededeling voor de management team leden die hij met me af wil stemmen. Gisteren was hij al niet zo happig toen ik hem informeerde over het bezoek van Bram, nu is hij heel duidelijk; “maybe he visits us to inform you that you’re on your way out,” gooit hij er gelijk ter begroeting uit. “No way,” protesteer ik. Gary legt uit dat een student, wiens vriendin bij een headhunter werkt, hem vertelde dat ze een opdracht van Eckart Wintzen hadden gekregen om naar een kandidaat CEO uit te zien voor Ex’pression. “No way,” herhaal ik, zij het wat zachter. We spreken af dat Gary na de MT meeting Eckart rechtstreeks benadert en dat we het voor de rest van onze staf onder de pet houden. We houden de meeting zo kort als mogelijk, waarbij de komst van Bram de meeste aandacht krijgt. Er flikkert wat onrust in de ogen van onze CFO Ed Niskanen, de man waar Bram het meestal op gemunt heeft. Ook al omdat een belangrijk deel van Brams bezoek over financiën gaat, verkoop en terughuur van ons gebouw, en aandelentransacties. Het bijwonen van de diverse meetings en ‘drinks and snacks’ met een groot deel van de staf wordt warm ontvangen. We sluiten in goede harmonie af, waarna Gary aan z’n e-mail naar Eckart begint, waarop hij me blind kopieert:

Duidelijke taal, het grote wachten kan beginnen. Vreemd hoe zo’n dag dan lang duurt en je toch een soort van knoop in je maag hebt. De dag verstrijkt zonder enig teken van Eckart. Gary stelt voor om de e-mail door te sturen naar Bam, ook vanwege zijn vermeend goede relatie met hem.

Archieffoto. Bram en Gary in ‘n serieuze discussie tijdens een receptie

Uiteraard stem ik in, de avond is inmiddels aangebroken en nu wil ik ook hom of kuit hebben. Astrid vindt me wat stilletjes maar wijt dit aan de drukte van de afgelopen dagen. Tegen acht uur komt een kopie van Gary’s e-mail aan Bram binnen.

Ik sluit m’n mobieltje af, wil nu even niet gestoord worden, maar verbaas me over het gegeven dat Eckart zich afzijdig houdt. Even een Nederlands verhaaltje aan de kinderen vertellen voordat ze naar bed gaan, en zelf ook vroeg op stok. Het is wel even mooi geweest. Astrid begrijpt het, wenst me welterusten en kijkt even een aflevering van de ‘Property Brothers’ af.

Volgende week: geen enkele reactie van Eckart. Brams response daarentegen is grof, maar duidelijk.